Dit is een eigen SchriftWoord vertaling van
De tweede brief van Paulus aan de Tessalonicenzen
2 Tessalonicenzen
Hoofdstuk 1

[Commentaar-Inleiding]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

Inleiding

Deze tweede brief aan de Thessalonicenzen is een vervolg op de eerste. De Thessalonicenzen zijn nog steeds niet in staat onderscheid te maken tussen de woede van mensen en de verontwaardiging van Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker. Hun voortdurende beproeving en vervolging leidde hen er toe te concluderen dat Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker tegen hen was, in plaats van voor hen. Het koninkrijk van Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker, dat onder hen was verkondigd, moet beginnen met goddelijke oordelen. De dag van de Heer, waarin het zal worden opgericht, begint met een ongeëvenaard vertoon van goddelijke verontwaardiging. Ze houden nog steeds vol met zich in te denken dat deze dag al was begonnen, in het bijzonder omdat, op een bepaalde wijze, dit voor de leer van de apostel werd gehouden (2:2).

In antwoord hierop definiëren Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine en zijn medewerkers deze gevreesde oordelen als die welke alleen zullen vallen op hen die onbekend zijn met Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker en op die niet het evangeliegoede bericht gehoorzamen, zeker op mensen die hen vervolgen. De kern van het betoog is gebaseerd op de leer van de eerste brief, die verwijst naar de komst van de Heer en naar onze verzameling bij Hem in de lucht. Daarin hadden ze beslist onderwezen dat dit moet gebeuren voordat de dag van Zijn verontwaardiging komt.

De geheime fase van wetteloosheid is werkzaam doorheen heel deze bedeling, maar de volle ontwikkeling er van wordt in de perken gehouden door de aanwezigheid van de heiligen. Wanneer wij uit hun midden worden weggenomen, dan, en pas dan, zal de afvalligheid haar bittere vrucht dragen. De komst zal aangegeven worden door de komst van de mens van wetteloosheid, overeenkomend met de kop van het wilde beest van de Openbaring van JezusJAH redt ChristusGezalfde (Openb. 13.1), die bijgestaan zal worden door de valse profeet, die tekenen en wonderen zal doen om zijn eisen kracht bij te zetten (Openb. 13.11). Door hen zal de mensheid misleid worden naar haar vernietiging.

Maar de Thessalonicenzen werden niet door misleid door Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker, maar kregen de voorkeur voor redding en geloof van de waarheid en de heerlijkheid van de Heer JezusJAH redt ChristusGezalfde.

Het laatste deel van de brief is gewijd aan een paar praktische wanorden, in het bijzonder bemoeials die niet werken voor hun levensonderhoud.

De literaire structuur is een eenvoudige afwisseling tussen de groeten in. Een dankzegging, een gebed, en een vermaning zijn in deze volgorde te vinden in zowel de eerste als de laatste helft van de brief. Indien de brief gelezen wordt met de leidende gedachte in het achterhoofd – dat we verlost zijn van de komende goddelijke verontwaardiging – dan zullen we zien dat ze overal kleur en warmte geeft, in het bijzonder in de verzekeringen van Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikkers denken aan hen tijdens hun beproevingen.


STRUCTUUR 2 TESSALONICENZEN
GROETEN Genade en vrede 1:1-1:2
   DANKZEGGING 1.3
     Reden 1:3 – 1:5 Rust 1:6-1.10
   GEBED Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine voor de Thessalonicenzen 1:11,12
     De Naam van de Heer 1:12 – Heerlijkheid 1:11,12
   VERMANING De afval 2:1-2:12
   DANKZEGGING 2:13-17
     Reden 2.13 – Heerlijkheid 2:14
   GEBED de Thessalonicenzen voor Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine 3:1-5
     Het woord van de Heer 3:1 – 3:4 Volharding 3:5
   VERMANING: Wanorde 3:6 – 3.15
GROETEN. Vrede en genade 3:16-3:18


   
(Ga met de muis op een groene naam staan, dan ziet u de betekenis.
Ga met de muis op een tekstverwijzing staan, dan ziet u de tekst.
Klik op "Commentaar" en u krijgt een stukje tekst dat slaat op dit vers)

DE STRUCTUUR VAN 2 TESSALONICENZEN
1:1,2.   Inleiding passend bij een brief - genade en vrede.
1:3.      Dankzegging.
1:3-5.        Reden - hun geloof en liefde en geduld.
1:6-10.          Het verkrijgen van rust en heerlijkheid.
1:11.            Gebed voor hen.
1:12.              Dat de naam van de Heer verheerlijkt moge worden.
1:12.                en zij verheerlijkten in Hem.
2:1-12.                  Aanmoediging - "de komst van onze Heer, Jezus
                    Christus, en onze vereniging met Hem".
2:13.      Dankzegging.
2:13.        Reden - hun redding.
2:14,15.          Het verkrijgen van heerlijkheid.
2:16-3:1.            Gebed voor Paulus.
3:1-4.              Dat het Woord verheerlijkt moge worden.
3:5.                en hun harten gericht mogen worden op Gods liefde.
3:6:15.                 Aanmoediging.
3:16-18.   Afsluiting - vrede en genade.

1 Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine en Silvanuslatijnse vorm van Saul en Timoteüsgodsvereerder aan de ekklesia van de Tessalonicenzen in Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker, onze Vader, en in de Heer, JezusJAH redt ChristusGezalfde. Paulus en Silvanus en Timotheüs, aan de ekklesia van de Thessalonicensen. Genade aan jullie en vrede in God de Vader en de Heer, Jezus Christus. (SW)[1Thess. 1:1] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

1

Hoewel Silvanuslatijnse vorm van Saul en Timotheüsgodsvereerder in deze begroeting verbonden zijn met Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine, is de brief in de praktijk van Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine zelf en de echtheid er van wordt bevestigd aan het einde, door Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine’ eigen handtekening (3:17).


2 Genade voor jullie en vrede vanaf Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker, onze Vader, en van de Heer, JezusJAH redt ChristusGezalfde. aan allen die in Rome zijn, geliefd door God, geroepen heiligen: Genade aan u en vrede van God, onze Vader, en van de Heer Jezus Christus (SW)[Rom. 1:7]
3 Wij zijn °Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker verschuldigd altijd te danken aangaande jullie, broeders, zoals het waardig is, opdat jullie geloof uitermate groeit en de liefde van een ieder van jullie allen tot elkaar toeneemt, Wij danken °God altijd, over jullie allen herinnering makend in onze °gebeden, (SW)[1Thess. 1:2] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

3

DANKZEGGING

Het lijden dat de Thessalonicenzen zo benauwde was de aanleiding voor blijdschap en roemen aan de zijde van de apostel, want het bewees de echtheid van hun geloof in ChristusGezalfde en ontwikkelde hun aanhankelijkheid voor elkaar. Behendig keert hij hun verkeerde idee, dat Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker hen benauwdheid brengt, om in het tegenovergestelde, dat juist hun lijden een zekere aanwijzing is dat zij die hen benauwen zullen lijden door Zijn handen. Hij legt passende nadruk op het feit dat Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker’s verontwaardiging komt op hen die Hem niet kennen en die niet gehoorzaam zijn aan het evangeliegoede bericht. Door zo het denken van de Thessalonicenzen te keren naar de toekomst, troost hij hen in hun huidige beproevingen. Dan zullen de tegenstanders lijden, niet alleen voor hun zonden, maar voor hun vervolging van Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikkers heiligen, terwijl dan zij die nu in benauwdheid verkeren rust en ontspanning zullen genieten tijdens de onthulling van de Heer JezusJAH redt ChristusGezalfde vanuit de hemel. Deze passage alleen al zou ons moeten weerhouden van het insluiten van de heiligen van deze bedeling bij de groepen van geredden die in de rol van Zijn Openbaring worden genoemd. De volharding waarmee deze gedachte kleefde aan de Thessalonicenzen wordt weergegeven door het feit dat de Besnijdenis verwachtte door de verschrikkingen van die dag heen te moeten gaan. Zij die volhardden tot het einde zouden gered worden. Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine stelde een nieuwe en onbekende leer voor, overeenkomend met zijn evangeliegoede bericht voor de naties, waarin Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikkers onverdunde genade veel meer uitgesproken is dan in het evangeliegoede bericht van het koninkrijk, zoals verkondigd door de andere apostelen.


4 zodat wij zelf in jullie roemen in de ekklesias van °Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker over het verduren van jullie en geloof in al jullie °vervolgingen en de verdrukkingen die jullie verdragen, Groot is mijn vrijmoedigheid naar jullie en groot mijn roemen over jullie. Ik ben vervuld geworden van de troost, in al onze verdrukking wordt ik overstelpt met jullie blijdschap. (SW)[2Kor. 7:4] - ik, Johannes, uw broeder en deelgenoot in de verdrukking en in het Koninkrijk en de volharding in Jezus, was op het eiland, genaamd Patmos, om het woord Gods en het getuigenis van Jezus. (SV)[Openb. 1:9]
5 een tentoonspreiding van de rechtvaardige beoordeling van °Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker in het jullie waardig gekeurd worden van het koninkrijk van °Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker, ten behoeve van welk jullie ook lijden, en niet verrast zijnde in iets door de tegenstanders, wat voor hen een bewijs van vernietiging is, maar voor jullie van redding, en dit uit God (SW)[Filip. 1:28] - maar die waardig gekeurd zijn deel te verkrijgen aan die eeuw en aan de opstanding uit de doden, huwen niet en worden niet ten huwelijk genomen. (SV)[Luc. 20:35]
6 wanneer het namelijk rechtvaardig is dat Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker jullie verdrukking terug betaalt* aan die verdrukken, Vergeldt haar, gelijk ook zij vergolden heeft, en geeft haar dubbel naar haar werken; mengt haar het dubbele in de beker, die zij gemengd heeft; 7 geeft haar zoveel pijniging en rouw, als zij heerlijkheid en weelde genoten heeft. Want zij zegt in haar hart: Ik troon als koningin, ik ben geen weduwe en geen rouw zal ik zien. (SV)[Openb. 18:6,7]
7 en aan jullie, die verdrukt worden, ontspanning geeft, met ons, in de onthulling van de Heer JezusJAH redt vanaf de hemel, met boodschappers van Zijn macht, En ik zag de hemel geopend, en zie, een wit paard; en Hij, die daarop zat, wordt genoemd Getrouw en Waarachtig, en Hij velt vonnis en voert oorlog in gerechtigheid. (SV)[Openb. 19:11] - Looft de Here, gij zijn engelen, gij krachtige helden die zijn woord volvoert, luisterend naar de klank van zijn woord. (SV)[Psalm 103:20]
8 in vlammend vuur rechtverschaffing gevend aan degenen die Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker niet waargenomen hebben en aan degenen die het evangeliegoede bericht van onze Heer JezusJAH redt Christus Gezalfde niet gehoorzamen, Want zie, de Here zal komen als vuur en zijn wagens zullen zijn als een storm, om zijn toorn te openbaren in gloed en zijn dreiging in vuurvlammen. (SV)[Jes. 66:15] - Stort uw grimmigheid uit over de volken die U niet kennen, en over de koninkrijken die uw naam niet aanroepen; (SV)[Psalm 79:6] - Want het is nu de tijd, dat het oordeel begint bij het huis Gods; als het bij ons begint, wat zal het einde zijn van hen, die ongehoorzaam blijven aan het evangelie Gods? (SV)[1Petr. 4:17]
9 die gerechtigheid zullen incasseren van aionische uitroeiing vanaf het gezicht van de Heer en vanaf de heerlijkheid van Zijn °sterkte, Ga in de rotskloven en verberg u in de grond voor de verschrikking des Heren en voor de luister zijner majesteit. .... 19 Dan kruipt men in de spelonken der rotsen en in de holen van de grond voor de verschrikking des Heren en voor de luister zijner majesteit, wanneer Hij opstaat om de aarde te verschrikken. ... 21 bij zijn vlucht in de rotsholten en in de bergspleten vanwege de verschrikking des Heren en de luister zijner majesteit, wanneer Hij opstaat om de aarde te verschrikken. (SV)[Jes. 2:10,19,21]
10 wanneer ook maar Hij zal komen om glorieus gemaakt* te worden in Zijn °heiligen en verwonderd* gemaakt te worden in allen die geloven, ziende dat het getuigenis van ons bij jullie werd geloofd*, in die °dag. Here, God der heerscharen, wie is als Gij grootmachtig, o Here, en uw trouw is rondom U. (SV)[Psalm 89:8]
11 Waarvoor wij ook altijd aangaande jullie bidden dat onze °GodGrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker jullie waardig zou achten voor de roeping en Hij alle welbehagen van goedheid en werk van geloof in macht zou vervullen, Daarom ook - van de dag dat wij horen - houden wij niet op voor jullie te bidden en te vragen dat jullie gevuld mogen worden met de bovenkennis van Zijn wil, in alle wijsheid en geestelijk verstaan, (SW)[Kol. 1:9]
12 zodat de naam van onze °Heer, JezusJAH redt, glorieus gemaakt zal worden in jullie, en jullie in Hem, overeenkomstig de genade van onze °Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker en van de Heer, JezusJAH redt ChristusGezalfde. Daarginds verheft men zijn stem en jubelt; over de majesteit des Heren juicht men van de zee af. 15 Eert daarom de Here in de streken des lichts; in de kustlanden der zee de naam van de Here, de God van Israël. (SV)[Jes. 24:14,15] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

12

GEBED

Zijn gebed voor hen was dat zij mochten antwoorden op deze genade van Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker door een huidige gedrag, te midden van lijden, dat Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker en Zijn ChristusGezalfde zou verheerlijken.





Terug naar de index.
Naar 2 Tessalonicensen 2
   


© www.schriftwoord.nl
U mag deze tekst voor eigen gebruik en studie-doeleinden zonder toestemming vermenigvuldigen.
Citeren van deze tekst mag alleen met bronvermelding.
Vermenigvuldiging voor commercieel gebruik alleen met toestemming van de uitgever.