Dit is een eigen SchriftWoord vertaling van
Handelingen
Hoofdstuk 27

   
(Ga met de muis op een groene naam staan, dan ziet u de betekenis.
Ga met de muis op een tekstverwijzing staan, dan ziet u de tekst.
Klik op "Commentaar" en u krijgt een stukje tekst dat slaat op dit vers)


1 Toen nu werd geoordeeld dat wij weg zouden varen tot in °Italiëals een kalf, leverden zij zowel °Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine als enige andere gedetineerden over aan een hoofdman over honderd, genaamd Juliusmet zacht haar, van de legerafdeling Eerbiedwaardige. Festus dan, overleggend met de raad, antwoordde: Op Caesar beroep je je, naar Caesar zul je gaan! (SW)[Hand. 25:12] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

1

De schrijver van Handelingen, waarschijnlijk Lukaslichtgevend, schijnt vanaf dit moment de constante metgezel van de apostel te zijn geworden. In zijn laatste brief uit Romekracht spreekt Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine over hem als zijn mede-werker (File. :24) en hij klaagt later dat hij alleen met hem is achtergebleven (2Tim. 4.11).

Deze Juliusmet zacht haar is geÔdentificeerd geworden als Juliusmet zacht haar Priscus, die later prefect werd van de Praetorische wacht, toen Vitellius keizer was..

Er schijnt op de Middellandse Zee in oude tijden geen regelmatige dienst te zijn geweest voor zowel personen als vracht. Reizigers waren geheel afhankelijk van een langskomende koopvaarder en zeilden vaak met een aantal schepen voordat ze hun bestemming bereikten. Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine nam drie verschillende schepen in zijn laatste reis vanuit MacedoniŽprovincie in noord Griekenland naar Jeruzalemstad van (de god) Salem - vredestichter. Zelfs keizers gebruikten deze gewone manier van transport. Daarom nam de centurion een schip naar Asiahet westelijk deel van wat nu Turkije heet, met het idee om over te stappen op een ander schip, zodra hij er een kon vinden dat hen naar Romekracht zou brengen. Zoín schip bleek er te zijn in Myramirre, een van de havens waar zij aanlegden. En daarin vervolgden zij hun weg naar ItaliŽals een kalf.


2 Nu aan boord stappend* in een Adramytteenshavenstad in MysiŽ, in Klein AziŽ schip, dat op het punt stond te varen tot in plaatsen in °Asiahet westelijk deel van wat nu Turkije heet, voeren wij weg, samen met ons zijnde Aristarchusopperheerser, een Macedoniër uit Tessalonica (grieks) overwinning van TessaliŽ, genoemd naar de zus van Alexander de Grote. Jullie groet Aristarchus, mijn įmedegevangene, en Marcus, de neef van Barnabas, over wie jullie richtlijnen kregen. Indien hij eens tot jullie zou komen, ontvangt hem! (SW)[Kol. 4:10] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

2

Aristarchusopperheerser is mogelijk dezelfde Aristarchusopperheerser die door de Efezische bende gegrepen werd toen zij Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine niet konden vinden (19:29), die met hem naar Asiahet westelijk deel van wat nu Turkije heet terugkeerde op zijn laatste reis naar Jeruzalemstad van (de god) Salem - vredestichter (20:4). Hij was zijn medewerker in Romekracht (File. :24) en schijnt met hem in de gevangenis gezeten te hebben (Kol. 4.10).


3 In de andere dag nu gingen wij aan land in Sidonvisserij (-stad). °Juliusmet zacht haar nu, °Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine op humane wijze bejegenend*, staat* hem toe, naar de vrienden gaande, verzorging ten deel te vallen. Hij schrijft aan de centurion voor dat hij bewaard moet worden en het hem wat makkelijker maken en niet te voorkomen dat iemand van de zijnen hem dient (SW)[Hand. 24:23]
4 En van daar wegvarend varen* wij in de luwte van °Cypruskoper (-land), vanwege het tegengesteld zijn* van de winden. [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

4

De rechtstreeks koers naar de kusten van Asiahet westelijk deel van wat nu Turkije heet zou zuid en west van Cypruskoper (-land) zijn. Dit was de koers op zijn tweede en derde zendingsreis. Ze werkten zich bovenwinds door voordeel te halen uit een stroming tussen Cypruskoper (-land) en CiliciŽstreek in het zuid-oosten van Klein AziŽ.


5 Bovendien de oceaan van zowel Ciliciëland van Celix als Pamfylië (land van) alle volkstammen doorvarend*, komen* wij aan land in Myramirre in LyciŽwolfachtig.
6 En daar, een Alexandrijns schip vindend, varend tot in °Italiëals een kalf, doet de hoofdman over honderd ons er in stappen*. [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

6

Het Alexandrijnse schip was ietwat van koers in deze haven, tenzij het daar ook zaken moest doen, maar de heersende westenwind zou hier aanleiding voor kunnen zijn. Egyptische schepen waren onder de grootste van die tijd, en aangezien dit schip bezig was met transmediteraan verkeer, moet het van aanzienlijke omvang zijn geweest.


7 En in aanzienlijke dagen traag varend en nauwelijks voorbij °Knidusbrandnetels - stad op een schiereiland aan de z.w. kust van Klein AziŽ gerakend, de wind ons er niet heen laten gaande, varen* wij in de luwte van °Kretavleselijk, langs Salmonekaap in het no. van Kreta. [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

7

Cnidus had een uitstekende en beschutte haven, waar ze, ongetwijfeld, heen zouden zijn gegaan voor de winter, als de wind het had toegestaan.


8 En er nauwelijks langs varend, kwamen we tot in een zekere plaats die Ideale Havens genoemd wordt, bij welke de stad Laseastad in zuid Kreta nabij was.
9 En na het verstrijken van aanzienlijke tijd en de vaart reeds riskant zijnde, en omdat het vasten reeds voorbij gegaan was, raadde °Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine aan,
10 tot hen zeggend: "Mannen! Ik aanschouw dat de vaart op het punt staat met ongemak en veel verbeuring, niet alleen van de lading en van het schip, maar ook van onze °zielen, te zullen zijn." drie maal ben ik met staven gegeseld, eenmaal ben ik gestenigd, drie maal heb ik schipbreuk geleden, een dag en een nacht heb ik in de diepte van de zee doorgebracht, 26 op reizen vele malen in gevaren van rivieren, in gevaren van rovers, in gevaren door rasgenoten, in gevaren door heidenen, in gevaren in de stad, in gevaren in de verlatenheid, in gevaren op zee, in gevaren onder valse broeders, (SW)[2Kor. 11:25,26]
11 Maar de hoofdman over honderd werd veeleer overreed door de stuurman en door de bevrachter dan door de dingen die door °Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine worden gezegd. [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

11

Vanouds was de stuurman de kapitein van het schip, maar zijn taken op een groter schip kwamen meer overeen met die van onze navigator. De man die het schip charterde reisde als zijn eigen supervracht, en was net zo geÔnteresseerd in de veiligheid van zijn lading als de navigator in zijn schip. Daarom was er een beraadslaging. De een verloor zijn schip en de ander zijn lading door het verwerpen van Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleineí advies. De zielen aan boord (inclusief deze twee mannen) werden aan Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine gegeven en hij verloor geen van hen, ook al bracht hun actie hen allen in gevaar.


12 Omdat nu de haven ongeschikt was om te overwinteren, plaatste* de meerderheid de raad daar vandaan weg te varen*, om misschien tot in Feniks??? te mogen geraken* om te overwinteren* in de haven van °Kretavleselijk , uitkijkend naar het zuidwesten en naar het noordwesten. [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

12

Schone Havens was niet, zoals de naam zou doen vermoeden, een beschutte inham, maar meer een open rede. Daarom vond de meerderheid van hen aan boord het beter het advies van de Joodse gevangene te verwerpen en een beter winterkwartier op te zoeken.

"Kijken" moet gezien worden vanuit het standpunt van een zeeman, die gewoonlijk het tegendeel is van die van een landman. Foenix??? zag eerder uit op het oosten en niet op het westen.


13 De zuidenwind nu zacht waaiend*, menend* het voornemen gevat te hebben, het anker optillend*, voeren zij dicht langs °Kretavleselijk. [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

13

Omdat een zuidenwind opstak verloren zij waarschijnlijk alle vertrouwen in de pessimistische Jood, die hen had gewaarschuwd voor komend gevaar.


14 Maar na niet veel tijd werpt* een orkaanachtige wind haar, genaamd de Eurakylon een noordwesterstorm [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

14

Deze tyfoon of orkaan was zo krachtig dat het schip niet zín koers kon houden, maar meegenomen werd in een andere richting. Was die niet zo sterk geweest, dan hadden ze in de wind kunnen laveren en die gebruikt hebben om hen naar Foenix??? te brengen.


15 Het schip nu, meegesleept wordend en niet kunnend te loeven in de wind, gaf men het op en wij werden weggebracht.
16 Nu onderlangs een zeker eilandje lopend genaamd Kaudaeilandje ten zuiden van Kreta, zijn* wij nauwelijks sterk genoeg om de sloep in bedwang te houden. [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

16

Caudia wordt gewoonlijk Clauda genoemd, maar deze lezing wordt in de SinaÔnaar de woestijn Sin, waarin de berg ligtticus gecorrigeerd, en de moderne naam laat de "l" weg. Wij geven het weer met Caudaeilandje ten zuiden van Kreta - vleselijk.

Het was in oude tijden gebruik dat een kleine boot in het water achter het schip werd meegetrokken. Zolang het schip werd aangedreven door de storm was dit veilig, maar toen de snelheid tijdelijk verminderde, was er groot gevaar dat de boot het schip in stukken zou rammen of zelf kapot zou gaan. Daarom hielde zij het af en takelden het dan aan boord.


17 Die ophijsend, gebruikten zij hulpmiddelen, het schip ondergordend. En vrezend dat zij in het drijfzand zouden stranden, laten* zij het tuig zakken. Zo werden zij weggebracht. [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

17

"Het zeil strijken" om te voorkomen dat ze in de Syrtis terecht kwamen, aan de Noord-Afrikaanse kust, moet hebben bestaan uit het opzetten van een klein zeil om het schip zo hoog mogelijk aan de wind te krijgen. Dit zou hun voortgang stoppen en hun koers veranderen.


18 Maar op heftige wijze door de winterstorm geteisterd wordend, deden zij de volgende dag een overboordwerping, 5 En de zeelieden vreesden en zij schreeuwden het uit, elk tot zijn elohim. En zij slingerden de voorwerpen die in het schip waren weg, in de zee, om het voor hen lichter te maken. En Jona daalde af naar de uithoeken van het benedendek. En hij lag neer en was verdoofd. (SW)[Jona 1:5]
19 en in de derde dag gooien* zij eigenhandig het instrumentarium van het schip.
20 Op meerdere dagen nu kwamen noch de zon noch de sterrenbeelden tevoorschijn en bovendien drong de winterstorm voortdurend niet weinig aan. Alle verdere hoop dat wij gered zouden worden werd van ons weggenomen.
21 En na veel zonder eten te zijn, dan zei Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine, in hun midden staande: "Het was inderdaad bindend, o mannen, aan mij toegevend* niet vanaf °Kretavleselijk weg te varen om, naast dit °ongemak, ook °verbeuring te winnen*.
22 En nu raad ik jullie aan goed gehumeurd te zijn, want de ziel van niemand van jullie zal weggeworpen zijn, behalve het schip.
23 Want in deze °nacht stond een boodschapper van °Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker, van Wie ik ben en Wie ik ook dien, bij mij, Want įGod is mijn getuige, aan Wie ik goddelijk dienstbetoon geef in mijn geest in het evangelie van Zijn įZoon, hoe ik zonder onderbreken u altijd noem in mijn įgebeden, (SW)[Rom. 1:9] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

23

Dat Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine, niet meer dan een gevangene, de moed zou hebben gehad om advies te geven laat sowieso zien hoe snel hij erkenning verkreeg. Nu allen wensten dat er naar hem was geluisterd, neemt hij gemakkelijk de leiding. Ze verdienen verloren te gaan, en het schip en de lading zijn verloren, door het verwerpen van Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleineí woorden. Maar ondanks hun ongehoorzaamheid worden hem genadevol de zielen van alle mensen gegeven die met hem meevaren. We kunnen niet geloven dat deze schipbreuk alleen maar een interessant avontuur is in Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleineí loopbaan, zonder enig verband met het onderwerp van het boek Handelingen.

We hebben gezien hoe dit verslag ons alleen geeft wat betrekking heeft op het koninkrijksgetuigenis, belangrijke voorvallen in zijn leven weglatend die er geen betrekking op hebben. Deze schipbreuk wordt in zijn latere brieven niet genoemd. Daarom moet er een nauwe band zijn met het lot van het koninkrijk. We nemen het als een gelijkenis van Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleineí afsluitende Koninkrijks bediening en het lot van hen die er met hem aan verbonden zijn. Zij zijn in het schip en worden er door ondersteund, net als de naties onder Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleineí vroege bediening in het koninkrijk en vinden hun onderhoud aan IsraŽlstrijder van Gods tafel. Maar het koninkrijk gaat snel in stukken, IsraŽlstrijder van God nadert als natie haar einde en nu is de vraag: wat zal er worden van de gelovigen onder de naties aan wie Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine had gepredikt? Zullen ze opgeslokt worden in IsraŽlstrijder van Gods neergang? Het antwoord wordt afgebeeld in de redding van allen die met Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine meevaren en het verlies van het schip met zín lading. De naties verliezen alles wat verbonden is met het koninkrijk, maar worden veilig door de catastrofe heen gedragen. Ze verliezen alle aardse hoop, maar winnen de hogere, hemelse plaats die hen in Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleineí brieven uit Romekracht wordt toegewezen.


24 zeggend: "Vrees niet, Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine! Het is voor jou bindend voor de keizer te staan* en neem waar, °Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker heeft aan jou als gunst allen die met jou varen gegeven." De volgende nacht nu, bij hem staande, zei de Heer: "Wees moedig! Want zoals jij in Jeruzalem getuigt over het Mij aangaande, zo moet jij ook in Rome getuigen! (SW)[Hand, 23:11]
25 Daarom, mannen, weesm goed gehumeurd, want ik geloof in °Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker, dat het zo zal zijn, overeenkomstig de wijze waarop het tot mij is gesproken,
26 maar het is voor ons bindend op een zeker eiland te stranden."
27 Als het nu de veertiende nacht werd van ons ronddrijven in de Adriatische zee, rond het midden van de nacht, vermoedden enige zeelieden dat zij naar een landstreek geleid werden. [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

27

Die aan boord van een schip zijn hebben het gevoel dat het land hen nadert, wanneer het schip een kust benadert en zeelieden spreken ook op deze wijze. Ervaren zeelui weten wanneer ze in de buurt van land zijn, ook al is het onzichtbaar, door het verre grommen van brekende golven en andere aanwijzingen. Het gevaar was nu dat ze in het donker iets zouden raken, zodat ze niet in staat zouden zijn de kust te bereiken en zichzelf te redden.


28 En het dieplood werpend* vonden zij twintig vadems. En enige tussenruimte zijnde en weer het dieplood werpend*, vonden zij vijftien vadems.
29 En vrezend dat wij ergens op ruwe plaatsen zouden stranden, vanuit het achterschip vier ankers gooiend*, wensten zij het dag te worden.
30 Toen nu de zeelieden zochten uit het schip te vluchten, de sloep tot in de zee zakken latend* onder het voorwendsel dat zij op punt staan vanuit het voorschip ankers te gaan uitstrekken,
31 zei °Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine tot de hoofdman over honderd en tot de soldaten: "In het geval dat dezen niet in het schip zouden blijven, kunnen jullie niet gered* worden!"
32 Dan hakken* de soldaten de touwen van de sloep af en zij laten* haar er uit vallen.
33 Toen het nu op het punt stond dag te worden, riep °Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine allen op aan voedsel deel te krijgen, zeggend: "Vandaag is de veertiende dag dat jullie, verwachtende, constant zonder eten zijn, niets tot zich nemend.
34 Daarom roep ik jullie op deel te krijgen aan dit voedsel, want het is tot jullie °redding, want van niemand van jullie zal een haar vanaf het hoofd verloren gaan." 45 En het volk zegt tot Saul: "Zal Jonatan sterven, die deze grote redding in IsraŽl deed? Het zij verre, zowaar JAHWEH leeft, indien een haar van zijn hoofd op de aarde valt, want hij deed het vandaag met Elohim." En het volk koopt Jonatan vrij en hij stierf niet. (SW)[1Sam. 14:45] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

34

Het is vrijwel onmogelijk om in een storm als deze maaltijden te bereiden, en het voortdurende zwoegen en vrees zou alle verlangen naar voedsel wegnemen. Maar nu land dichtbij was, herinnerden ze zich zonder twijfel Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleineí voorzeggingen en waren meer dan gewillig om naar hem te luisteren terwijl hij hen aanvuurde en bemoedigde. We horen niets meer van de navigator en de eigenaar van de vracht, en zelf de centurion gehoorzaamt Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine, die zijn dank aan Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker bekend maakt voor allen en hen een voorbeeld van geloof geeft door zijn aandeel in het voedsel te nemen.


35 Deze dingen nu zeggend* en brood nemend, dankt* hij °Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker in het zicht van allen en het brekend* begint* hij te eten. 36 nam Hij de zeven broden en de vissen, en dankend brak Hij ze en gaf ze aan de leerlingen, maar de leerlingen aan de scharen. (SW)[Matt. 15:36]
36 Allen nu goed gehumeurd wordend, namen ook zij voedsel tot zich.
37 Wij waren nu met alle tweehonderd zes-en-zeventig zielen in het schip.
38 Nu oververzadigd wordend van voedsel hielden zij het schip drijvend, het graan uitwerpend tot in de zee. [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

38

Hoe lichter zijn het schip konden maken, hoe groter de kans was dat ze het schip dicht bij de kust aan de grond konden zetten. Om dit te doen was het nodig ook de koers te controleren, dus hesen ze een zeil op de wind en maakten de roeren los, die waarschijnlijk stevig vastgezet waren, omdat sturen onmogelijk was. In tegenstelling tot moderne schepen had een schip in die tijd twee roeren, die ze nu gebruiken om het schip naar het strand te sturen.


39 Toen het nu dag werd herkenden zij het land niet, maar zij beschouwden een zekere baai, een strand hebbend, waarin zij beraadslaagden het schip, indien zij het mogen kunnen, uit te stoten*.
40 En de ankers rondom wegnemend, lieten zij ze over aan de zee, tegelijkertijd de koppelingen van de roeren loslatend en het voorzeil ophijsend* voor de waaiende wind, hielden zij aan tot op het strand.
41 Nu belandend in een plaats tussen twee zeeŽn, laten* zij het vaartuig aan land lopen. En inderdaad, het voorschip, vastzittend*, blijft onwrikbaar, maar het achterschip werd afgebroken onder het geweld van de golven. [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

41

Het lijkt er op dat een stroming hen in een kanaal duwde, of de plaats "waar twee zeeŽn elkaar ontmoeten," en verhinderde hen het strand te bereiken waar ze heen wilden. Ze liepen in het kanaal aan de grond.

Ieder detail van deze beschrijving past perfect bij de omgeving van wat nu St.Paulís baai wordt genoemd aan de noordkust van Malta. De diepte van de zee, een kanaal gemaakt door het eiland van Salmonettakaap in het no. van Kreta, en het bewijs van een strand aan de mond van de Westara kreek, alle wijze dit aan als de waarschijnlijke locatie.


42 De raad nu van de soldaten was dat zij de gedetineerden zullen doden, opdat niet iemand, wegzwemmend*, zal wegvluchten. [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

42

Omdat een Romekrachtinse wacht gewoonlijk met zijn eigen leven verantwoordelijk was voor zijn gevangenen, kunnen we beter de onmenselijke opmerking van de soldaten van de centurion begrijpen. Opnieuw wordt Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine de redder van de gevangenen, net zoals hij maar een paar uur tevoren de desertie van de zeelui had voorkomen en zo de levens van de soldaten redde, die nu wensten zich van hem te ontdoen. De centurion was te rechtvaardig om degene te doden aan wie hij en de rest hun leven te danken hadden.


43 Maar de hoofdman over honderd, van plan zijnde °Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine te behouden*, verhindert* hun °raadsbesluit. En hij beveelt* bovendien hen die kunnen zwemmen als eersten, overboord springend, op het land weg te zijn*,
44 en van de overigen dezen inderdaad op planken en dezen op sommige dingen vanaf het schip. En zo kwamen allen behouden op het land.



Terug naar de

Naar Handelingen 28


   


© www.schriftwoord.nl
U mag deze tekst voor eigen gebruik en studie-doeleinden zonder toestemming vermenigvuldigen.
Citeren van deze tekst mag alleen met bronvermelding.
Vermenigvuldiging voor commercieel gebruik alleen met toestemming van de uitgever.