Dit is een eigen SchriftWoord vertaling van
Mattheüs
Hoofdstuk 10

   
(Ga met de muis op een groene naam staan, dan ziet u de betekenis.
Klik met de muis op "Commentaar" en u krijgt een stukje tekst te zien dat op dit gedeelte slaat.
Ga met de muis op een tekstverwijzing staan, dan ziet u de tekst)


1 En Zijn °twaalf leerlingen tot Zich roepend*, geeft* Hij hen autoriteit over onreine geesten, zodat ze deze uitwerpen en elke ziekte en elke gebrekkigheid genezen. En Hij roept de twaalf bij Zich en Hij begint* hen af te vaardigen, twee aan twee, en gaf hen autoriteit over de onreine geesten. (SW)[Mar. 6:7] - En Hij geneest* velen die een kwaal hebben met allerlei ziekten en Hij wierp* vele demonen uit. En Hij liet de demonen niet spreken, omdat zij Hem waargenomen hadden de Christus te zijn(SW)[Mar. 1:34] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

1

Vergelijk met Markuseen verdediging 3:13-19; Lukaslichtgevend 6:12-16. Zie Lukaslichtgevend 9:1


2 De namen nu van de twaalf apostelenafgevaardigden zijn deze: eerst Simongehoord (heeft JAH), die Petrusrots wordt genoemd, en Andreasde mannelijke, de sterke, zijn °broeder, en Jakobushielenlichter, de zoon van Zebedeüsmijn gave of JAH schenkt, en JohannesJAH is genadig, zijn °broeder. Deze eerste vindt de eigen °broer, Simon, en hij zegt tot hem: "Wij hebben de Messias gevonden" (dat is, letterlijk vertaald wordend, Christus).(SW)[Joh. 1:41] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

2

Er is enige variatie in de volgorde van de namen, en ook in de namen zelf, in de lijsten van de twaalf apostelen, maar ze zijn altijd te vinden in drie groepen, aangevoerd door Petrusrots, Filippuspaardenvriend en Jakobhielenlichterus, als volgt:

Mattheüsgeschenk van JAH 10:2

Simongehoord (heeft JAH) Petrusrots
Andreasde mannelijke, de sterke
Jakobushielenlichter Zebedeus
JohannesJAH is genadig

Filippuspaardenvriend
Bartholomeüsde broederlijke
Thomastweelingbroer
Mattheüsgeschenk van JAH

Jakobhielenlichterus AlfeüsGodgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker heeft (voor een dood kind) een plaatsvervanger gegeven
Thaddeüsmoedig
Simongehoord (heeft JAH) de Kanaplaats van rietniet
Judalofs Iscariotman uit Keriot
Markuseen verdediging 3:16

Simongehoord (heeft JAH) Petrusrots
Jakobhielenlichterus ZebedeüsJAH schenkt
JohannesJAH is genadig
Andreasde mannelijke, de sterke

Filippuspaardenvriend
Bartholomeüsde broederlijke
Mattheüsgeschenk van JAH
Thomastweelingbroer

Jakobhielenlichterus AlfeüsGodgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker heeft (voor een dood kind) een plaatsvervanger gegeven
Thaddeüsmoedig
Simongehoord (heeft JAH) de Kanaplaats van rietniet
Judalofs Iscariotman uit Keriot
Lukaslichtgevend 6:14

Simongehoord (heeft JAH) Petrusrots
Andreasde mannelijke, de sterke
Jakobhielenlichterus
JohannesJAH is genadig

Filippuspaardenvriend
Bartholomeüsde broederlijke
Mattheüsgeschenk van JAH
Thomastweelingbroer

Jakobhielenlichterus AlfeüsGodgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker heeft (voor een dood kind) een plaatsvervanger gegeven
Simongehoord (heeft JAH) de Zelootijveraar (een sekte)
Judalofs Jakobhielenlichterus
Judalofs Iscariotman uit Keriot
Handelingen 1:13

Petrusrots
JohannesJAH is genadig
Jakobhielenlichterus
Andreasde mannelijke, de sterke

Filippuspaardenvriend
Thomastweelingbroer
Bartholomeüsde broederlijke
Mattheüsgeschenk van JAH

Jakobhielenlichterus AlfeüsGodgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker heeft (voor een dood kind) een plaatsvervanger gegeven
Simongehoord (heeft JAH) de Zelootijveraar (een sekte)
Judalofs Jakobhielenlichterus
Matthiasgeschenk van Jah (Hand. 1:26)

Bartolomeüsde broederlijke wordt gewoonlijk geidentificeerd met Nathan (JAH) heeft gegeveneël (Joh. 1:44-46; 21:2). Judalofs Jakobhielenlichterus werd, om hem te onderscheiden van Judalofs Iskariot, Thaddeüsmoedig genoemd, en Simongehoord (heeft JAH) (niet Petrusrots) werd de Zelootijveraar (een sekte) genoemd, of te Hebreeuwse tegenhanger van de Kanaplaats van rietniet (niet Canaäniet) . Natuurlijk nam Matthiasgeschenk van Jah de plaats in van Judalofs Iskariot.


3 Filippuspaardenvriend en Bartolomeüsde broederlijke; Tomastweelingbroer en Mattheüsgeschenk van JAH, de tol-incasserder; Jakobhielenlichterus, de zoon van AlfeüsGod heeft (voor een dood kind) een plaatsvervanger gegeven, en Taddeüsmoedig; °Filippus nu was van Bethsaïda, uit de stad van Andreas en Petrus.(SW)[Joh. 1:44]
4 Simongehoord (heeft JAH), de Kanaplaats van rietäniet en Judaslof, de Iskariotman uit Keriot, die Hem ook overleverde*. Die Hem nu overleverde had aan hen een afgesproken teken gegeven, zeggend: "Die ik ook maar zal kussen*, Hij is het. Vat*m Hem en leidm Hem op verzekerde wijze weg."(SW)[Mar. 14:44]
5 Deze °twaalf vaardigt* JezusJAH redt af, hen opdracht gevend*, zeggend: "Op de weg van de natiën zullen jullie toch niet komen en tot in een stad van Samaritanenmensen uit de landstreek Samaria zullen jullie toch niet binnen komen, [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

5

Vergelijk met Markuseen verdediging 6:7-15; Lukaslichtgevend 9:1-11.

De Heer had alleen het koninkrijk verkondigd en Hij had de verkondiging bevestigd door tekenen die de nabijheid er van aanduiden. Nu verbindt Hij twaalf van Zijn volgelingen met Zich en zendt hen uit met gezag over ziekte en dood en de demonen, zodat zij de nabijheid er van konden bewijzen door zowel hun woorden als hun werken. Dit is de eerste koninkrijksverkondiging. De tweede wordt pas gegeven na Zijn opstanding (28:16-20). Ze verschillen op vrijwel ieder punt. Deze moest alleen in het land uitgevoerd worden. Zelfs Samariawaker mocht het niet horen. Het was puur en alleen voor de verloren schapen van Israëlstrijder van God’s kudde en omsloot geen anderen. De tweede koninkrijksverkondiging is voor alle naties, uitgezonderd Israëlstrijder van God!

Deze eerste verkondiging van het koninkrijk werd uitgevoerd tot aan de crisis in de bediening van onze Heer, toen het duidelijk werd dat zij niemand zouden vertellen dat Hij, JezusJAH redt, de MessiasGezalfde was (16:20). Ook al wordt aan Petrusrots en JohannesJAH is genadig een voorsmaak gegeven van het koninkrijk op de berg van de transformatie, droeg Hij hen niet op te vertellen over het visioen totdat de Zoon van de Mensen zou zijn opgestaan uit de doden (17:9). Van deze tijd tot aan de Pinksterdag was deze verkondiging ononderbroken.

In afwachting van de vernieuwing van de verkondiging er van tijdens Zijn afwezigheid, gaf onze Heer de sleutels aan Petrusrots, toen hij, in tegenstelling met de afvallige natie, Hem erkende als zijnde de MessiasGezalfde, de Zoon van de levende Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker (16:19). De deur naar het koninkrijk is gesloten wanneer de proclamatie er van is verboden. Op de Pinksterdag gebruikt Petrusrots de sleutels en verkondigt opnieuw de nabijheid van het koninkrijk, op voorwaarde van de bekering van de natie. In het begin aanvaardt een klein deel van het volk de boodschap, maar het duurt niet lang totdat de natie, als zodanig, door de moord op Stefanuskrans en de pogingen op Petrusrots en Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine, hun verwerping tekent. Aan het einde van Handelingen wordt de natie formeel opzij gezet door Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine’ publieke verkondiging van hun afvalligheid.

Wanneer Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker nogmaals Zich richt tot Israëlstrijder van God, in de toekomst, zal het opnieuw verkondigd worden en, te midden van grote benauwing, zal de natie, vertegenwoordigd door de honderd vier en veertig duizend ongehuwden (Openb. 7:3-8) en de grote menigte (Openb. 7:9-17), de verkondiging aanvaarden en het koninkrijk binnen gaan. Dan zullen Petrusrots’ brieven de deur ontsluiten. Dan zal heel Israëlstrijder van God gered worden (Rom. 11:26) en de aanwezigheid van het koninkrijk zal de verdere verkondiging er van overbodig maken.

Dit evangeliegoede bericht van het koninkrijk houdt zich niet bezig met zonde of individuele redding. De vergeving van zonden, gebaseerd op het lijden van ChristusGezalfde, staat in de opdracht voor de mensheid in het verslag van Lukaslichtgevend (Luk. 24:46-49). Het was niet beperkt tot Israëlstrijder van God. ChristusGezalfde had nog niet geleden toen het evangeliegoede bericht van het koninkrijk voor het eerst werd verkondigd. Het kan naar niets anders verwijzen dan het koninkrijk dat in de Hebreeuwse geschriften aan Israëlstrijder van God werd beloofd.


6 maar gam veeleer naar de verloren schapen van het huis van Israëlstrijder van God. 6 Mijn volk werd een verloren kudde kleinvee. Hun herders deden hen afdwalen. Naar bergen keerden zij hen af, zij gingen van berg tot heuvel. Zij vergaten hun ligplaats. (SW)[Jer. 50:6]
7 Nu gaande, proclameerm, zeggend dat het koninkrijk van de hemelen is genaderd. 9 En genees in haar de zwakken en zeg tot hen: 'Het koninkrijk van °God is op jullie genaderd.' 10 Maar tot in welke stad ook maar jullie zullen binnenkomen en zij jullie toch niet zullen ontvangen, ga*m uit in haar °pleinen en zeg*m: 11 'Ook het stof aan onze voeten uit jullie °stad, dat aan ons gehecht wordt, vegen wij tot jullie af. Weten jullie evenwel dit: dat het koninkrijk van °God op jullie genaderd is.'(SW)[Luc. 10:9-11]
8 Geneesm die zwak zijn, wekm doden op, reinigm melaatsen, werpm demonen uit. Jullie namen in ontvangst om niet, geefm om niet!
9 Jullie zouden toch geen goud, noch zilver, noch koper tot in jullie °gordels verwerven*,
10 toch geen reiszak voor onderweg, noch twee onderklederen, noch schoeisels, noch staf, want de werker is zijn °voedsel waardig. Draag toch geen geldbuidel, toch geen reiszak, ook geen schoeilsels, en jullie zouden niemand op de weg groeten. (SW)[Luc. 10:4] - 31 En jullie eten het op elke plaats, jullie en jullie huis, want het is jullie tot loon, in ruil voor jullie dienst in de tent van de afspraak. (SW)[Num. 18:31] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

10

Vergelijk met Lukaslichtgevend 10:1-16.


11 En tot in welke stad of dorp jullie ook maar zullen binnenkomen*, vraag*m wie in haar waardig is, en blijf*m daar totdat jullie ook maar zullen uitkomen. 5 In welk huis nu ook jullie binnen zullen komen, zegt eerst: 'Vrede voor dit °huis!' 6 En in het geval dat daar een zoon van vrede zal zijn, op hem zal jullie vrede rusten. Indien niet, zal ze zeker op jullie terugkomen.(SW) [Luc. 10:5,6]
12 En binnenkomend tot in het woonhuis, groet*m het!
13 En in het geval dat het woonhuis inderdaad waardig zal zijn, laat jullie °vrede op haar komen*. Maar in het geval dat het toch niet waardig zal zijn, laat jullie °vrede op jullie omkeren*.
14 En wie jullie ook maar jullie niet zou ontvangen*, noch jullie °woorden zou horen*, gam weg, buiten het woonhuis of die °stad of dat dorp, en schud*m het stof vanuit jullie voeten. Dezen nu, het stof afschuddend* van op hun °voeten, kwamen* tot in Iconium. (SW)[Hand. 13:51] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

14

Zie Nehemia 5:13; Handelingen 13:51; 18;6


15 Amen! Ik zeg tot jullie, het zal voor het land van Sodombranden/brandend en voor het land van Gomorraonderdompeling draaglijker zijn in de dag van de beoordeling dan voor die °stad. en de steden van Sodom en van Gomorra veroordeelde*, ze in de as leggend* in een omverwerping, tot een voorbeeld geplaatst hebbend voor hen die op het punt staan oneerbiedig te zijn, (SW)[2Petr. 2:6]
16 Neem waar, Ik vaardig jullie af als schapen te midden van wolven. Wordm dan verstandig als de slangen en ongekunsteld als de duiven. Ga heen! Neem waar! Ik vaardig jullie af als lambokjes te midden van wolven.(SW)[Luc. 10:3] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

16-22

Vergelijk met Markuseen verdediging 13:9-13; Lukaslichtgevend 21:12-18.


17 Geefm acht opeig. vanaf de mensen, want zij zullen jullie overleveren aan Sanhedrinraadsvergaderings en in hun °synagogen zullen zij jullie geselen.
18 En jullie zullen ook voor gouverneurs en koningen geleid worden wegens Mij, tot in een getuigenis voor hen en voor de natiën. En dit evangelie van het koninkrijk zal verkondigd worden tot in heel de bewoonde aarde, tot een getuigenis aan al de naties, en dan zal het einde arriveren.)[Matt. 24:14]
19 Wanneer ook maar zij jullie zullen overleveren, zouden jullie niet bezorgd zijn hoe of wat jullie zouden spreken, want in dat °uur zal aan jullie gegeven worden wat jullie zouden spreken, [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

19

Vergelijk met Lukaslichtgevend 12:11,12. Zie Exodus 4:12; Jeremiaverhogen doet JAH 1:7


20 want het zijn jullie niet die spreken, maar de geest van jullie °Vader, Die in jullie spreekt. 11 Maar Hij zei* tot hen: "Welke man zal er onder jullie zijn die één schaap zal hebben en indien dit in de sabbatten tot in een kuil zou vallen*, zal hij het niet vastgrijpen en het er uit tillen? 12 Hoeveel meer van belang is een mens dan een schaap? Daarom is het toegestaan goed te doen in de sabbatten.(SW)[Matt. 12:11,12]
21 Maar een broeder zal een broeder overleveren tot in de dood en een vader zijn kind. Kinderen zullen in opstand komen tegen hun ouders en zij zullen hen ter dood brengen. 6 Want een zoon onteert de vader, een dochter staat op tegen haar moeder, een schoondochter tegen haar schoonmoeder. De vijanden van een man zijn de mannen van zijn huis. (SW)[Micha 7:6]
22 En jullie zullen door allen gehaat worden vanwege Mijn °naam, maar degene die verduurt* tot in het einde, deze zal gered worden. Dan zullen zij jullie overleveren tot in verdrukking en zij zullen jullie doden, en jullie zullen onder alle °naties gehaat worden vanwege Mijn °Naam.(SW )[Matt. 24:9] - Maar die volhardt* tot in het einde, deze zal gered worden. (SW)[Matt. 24:13]
23 En wanneer ook maar zij jullie zullen vervolgen in deze °stad, vlucht tot in de andere! Amen! Want Ik zeg jullie dat jullie de steden van Israëlstrijder van God toch niet tot een einde zouden brengen totdat de Zoon van de mens zal komen. En dan zullen zij de Zoon van de mens zien, komend in wolken, met veel macht en heerlijkheid.(SW)[Mar. 13:26] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

23

De wijs van het werkwoord is hier zeer belangrijk. De Heer zegt niet wat er zou zijn, maar wat er zou gebeuren. Zijn apostelen waren breekbare stervelingen, gemakkelijk ontmoedigd, en daarom geeft Hij niet meer dan een hint over een mogelijk falen van hun missie. De gebruikelijke versie, door het voorbijgaan aan de aanvoegende wijs van de werkwoorden, heeft aanleiding gegeven aan veel verwardheid en speculatie. De verkondiging bracht het koninkrijk zeer nabij, zodat de komst van de Heer in heerlijkheid en kracht niet veel langer meer uitgesteld hoefde te worden. Dat Hij in die tijd niet kwam is geen bewijs dat Hij Zich vergiste, maar veeleer van Zijn voorkennis, want Hij was voorzichtig met het uitdrukken van het vooruitzicht om zo te voorzien in deze gebeurtenis.


24 De leerling is niet boven zijn °leraar, noch is de slaaf boven zijn °heer. Amen! Amen! Ik zeg jullie, een slaaf is niet groter dan zijn °heer, noch is een afgevaardigde groter dan die hem zendt*. (SW))[Joh. 13:16] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

24

Zie Lukaslichtgevend 6:40; JohannesJAH is genadig 15:20.


25 Het zij voldoende voor de leerling dat hij zal worden als zijn °leraar en de slaaf als zijn °heer. Indien zij de huiseigenaar de bijnaam Beëlzebulheer van het huis geven*, hoeveel veeleer die tot zijn °huis behoren. De Farizeeën nu, dit horend*, zeiden*: "Deze werpt niet de demonen uit, anders dan door Beëlzebul, de vorst van de demonen."(SW)[Matt. 12:24] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

25

Onze Heer noemt Beëzebul een huiseigenaar, wat waarschijnlijk de betekenis is van de naam (zie noot bij 12:24). De leerlingen zouden geen betere behandeling moeten verwachten dat hun Heer had ontvangen, maar toch spoort Hij hen aan niet bang te zijn, want zelfs de ongezien krachten zullen openbaar worden.


26 Vrees*m hen dan toch niet. Want niets is bedekt dat niet onthuld zal worden, en verborgen dat niet gekend zal worden. Want niets is verborgen wat niet openbaar zal worden, noch verhuld dat niet gekend zal worden* en tot in het openbaar zal komen.(SW)[Luc. 8:17] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

26

Zie Markuseen verdediging 4.22; Lukaslichtgevend 8:17, 12:2,3.


27 Wat Ik tot jullie zeg in het donker, zeg* het in het licht, en wat jullie tot in het oor horen, proclameer*m dat op de dakterrassen!
28 Vrees*m toch niet vooreig. vanaf die het lichaam doden, maar niet de ziel kunnen doden*! Vreesm echter veeleer Die én de ziel én het lichaam kan ombrengen* in het Gehennavallei van (de zonen van) Hinnom. Één is de Wetgever en Rechter, Hij Die kan redden* en verloren doen gaan*. Maar wie ben jij, die de naaste oordeelt? (SW)[Jak. 4:12] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

28

De ziel is de zetel van het gevoel, maar wordt algemeen verwisseld met de geest. Een ziels mens is iemand die door zijn gevoel wordt heen en weer gezwaaid. Hij kan zelfs sensueel zijn, want dat is de gebruikelijke weergave van Jac. 3.15. Zij van de apostelen die later gedood werden zullen in het koninkrijk niets verliezen. Hun zielen zullen in die dag overladen worden met blijdschap. Hun dood zal alleen maar toevoegen aan de vreugde van hun ziel in de opstanding. Zij echter die onder Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker’s oordeel komen in het koninkrijk, zullen niet alleen hun lichamen vernietigd zien in de vallei van Hinnom, net onder Jeruzalemstad van (de god) Salem - vredestichter, waar het afval van de stad werd verbrand, maar zij zullen alle blijdschap missen waar hun zielen naar verlangen in het millennium. De martelaren die ten behoeve van het koninkrijk sterven, hebben niets te vrezen. Voor zover het hun zielen betreft geeft de dood hen een onmiddellijke intrede in de geneugten van dat aardse paradijs, ook al was dat bij hun martelaarschap duizenden jaren in de toekomst.


29 Worden niet twee musjes verkocht voor een stuiver? En niet één vanuit hen zal op de aarde vallen zonder jullie °Vader. 45 En het volk zegt tot Saul: "Zal Jonatan sterven, die deze grote redding in Israël deed? Het zij verre, zowaar JAHWEH leeft, indien een haar van zijn hoofd op de aarde valt, want hij deed het vandaag met Elohim." En het volk koopt Jonatan vrij en hij stierf niet. (SW)[1Sam. 14:45] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

29

De grootheid van Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker is net zo duidelijk in de kleinste details van Zijn schepping als in de enorme uitgebreidheden van de stellaire ruimte. Zijn microscopische zorg voorziet in de behoeften van Zijn schepselen, en bereikt hun harten. Niet is te triviaal Voor Hem Wiens aanwezigheid het universum doordringt. Het kleine elektron is net zo goed Zijn voorzienigheid als de kosmos in het geheel.


30 En ook de haren van jullie °hoofd zijn alle geteld.
31 Vreesm dan toch niet! Jullie zijn van meer belang dan vele musjes! Beschouw* de raven, dat zij niet zaaien en ook niet oogsten, voor welke geen voorraadkamer is en ook geen opslagplaats, en °God voedt hen. Hoeveel meer zijn jullie van belang dan de vliegende schepselen? (SW)[Luc. 12:24]
32 Elke dan die Mij zal belijden vlak voor de mensen, hem zal Ik ook belijden vlak voor Mijn °Vader, Die in de hemelen is. Die overwint, deze zal omhuld worden in witte bovenkleding en Ik zal zijn °naam niet uitwissen uit het boek van het leven en Ik zal zijn °naam belijden vlak voor Mijn °Vader en in het zicht van Zijn °boodschappers. (SW)[Openb. 3:5] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

32

Zie Lukaslichtgevend 12:8,9; Openbaring 3:5.


33 Maar die Mij zou loochenen* vlak voor de mensen, hem zal Ik ook loochenen vlak voor Mijn °Vader, Die in de hemelen is. indien wij verduren zullen wij ook samen koning zijn; indien wij verloochenen zal Hij ook ons verloochenen, (SW)[2Tim. 2:12] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

33

Zie Markuseen verdediging 8:38; 2Tim. 2:12.


34 Jullie zouden toch niet veronderstellen* dat Ik kwam om vrede te werpen* op de aarde. Ik kwam niet om vrede te werpen*, maar het zwaard! [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

34-36

Vergelijk met Lukaslichtgevend 12:39-53: Zie Micah 7:6.

[Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

34

De natuurlijke gevolgtrekking die oprijst uit de verkondiging van het koninkrijk zou zijn dat, indien Israëlstrijder van God geloofde, de era van het millennium onmiddellijk zou beginnen. Maar het is nooit verstandig te redeneren over Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker’s kennelijke procedure. Hij kan diepere plannen hebben die niet aan de oppervlakte verschijnen. De verkondiging van het koninkrijk werd in alle vertrouwen gedaan, maar toch weten we nu, zoals Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker altijd al had geweten, dat het niet de bedoeling was om het koninkrijk in die tijd te introduceren. Bovendien had Hij ook onthuld dat, voordat het zou komen, er een tijd zou zijn van grote spanning, waarin Zijn trouwe volgelingen een verdrukking zouden ondergaan zoals er nooit tevoren op aarde gekend was. Aangezien het koninkrijk gevestigd moet worden door kracht, werpt Hij Zijn zwaard er in, opdat vrede zal volgen.


35 Want Ik kwam* om een mens op te zetten* tegen zijn °vader en een dochter tegen haar °moeder en een schoondochter tegen haar °schoonmoeder,
36 en de vijanden van de mens, zij die tot zijn °huis behoren. 6 Want een zoon onteert de vader, een dochter staat op tegen haar moeder, een schoondochter tegen haar schoonmoeder. De vijanden van een man zijn de mannen van zijn huis. (SW)[Micha 7:6]
37 Wie zijn vader of moeder boven Mij liefheeft is Mij niet waardig en wie zijn zoon of dochter boven Mij liefheeft is Mij niet waardig. 9 En JAHWEH, jouw Elohim, geeft overschot in elke daad van jouw hand, in de vrucht van jouw buik en in de vrucht van jouw beest en in de vrucht van jouw grond, ten goede. Want JAHWEH zal terugkeren om ten goede opgetogen te zijn over jou, zoals Hij opgetogen was over jouw vaders, (SW)[Deut. 33:9] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

37

Zie Lukaslichtgevend 14,26,27.


38 En wie niet zijn °kruis opwaarts neemt en achter Mij volgt, is Mij niet waardig. En de schare tot Zich roepend*, samen met de leerlingen, zei* Hij tot hen: "Indien iemand achter wil komen, laat hij zichzelf verloochenen* en laat hij zijn °kruis oppakken* en laat hem Mij volgen!(SW)[Mar. 8:34] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

38

Zie 16:24; Markuseen verdediging 8:34,35; Lukaslichtgevend 9:23,24.


39 Wie zijn °ziel vindt* zal haar verliezen en Wie zijn °ziel verliest* wegens van Mij, zal haar vinden. Want wie in het geval hij zijn °ziel zal willen redden*, hij zal haar vernietigen, maar wie zijn ziel zou verliezen wegens Mij, deze zal haar redden.(SW)[Luc. 9:24] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

39

Dit heeft een speciale verwijzing in zich naar de tijd van Jakobhielenlichter’s benauwdheid, in de eindtijd, wanneer velen zullen lijden en sterven, door niet het beeld van het wilde beest te aanbidden (Openb. 13:15). Zij die lijden willen vermijden of hun ziel redden, lopen het risico van Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker’s verontwaardiging en het verlies van de geneugten van het koninkrijk. Zij die de benauwdheid verdragen voor het koninkrijk zullen de gelukzaligheid genieten van het koninkrijk. Zij vernietigen hun zielen om ze te vinden. Zij die lijden willen ontlopen door toe te geven aan de druk van de tegenstander, zullen geen deel hebben in het koninkrijk. Zij vinden hun zielen voor een korte periode, alleen maar om ze te verliezen voor de duizend jaren.


40 Wie jullie ontvangt ontvangt Mij, en wie Mij ontvangt ontvangt Degene Die Mij afvaardigt*. En wie in Mijn °naam zulk een kleine jongen zal ontvangen*, ontvangt Mij.(SW)[Matt. 18:5] - Jezus nu schreeuwt* en zei: "Wie in Mij gelooft, gelooft niet in Mij, maar in Die Mij zendt*(SW)[Joh. 12:44] - Amen! Amen! Ik zeg jullie, wie iemand in ontvangst neemt die Ik zal zenden*, neemt Mij in ontvangst; en wie Mij in ontvangst neemt, neemt in ontvangst Die Mij zendt*.(SW)[Joh. 13:20] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

40

Wanneer de Zoon van de Mensen komt in Zijn heerlijkheid om te zitten op Zijn troon, zal oordeel uitgaan, niet op de basis van persoonlijke zondigheid, maar op de behandeling van Zijn leerlingen gedurende de tijd van hun nood. Dit principe past nauw aan bij Zijn instructies voor het verkondigen van het koninkrijk. Het laat zien dat zij niet de opdracht kregen om het evangeliegoede bericht van Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker te preken, dat voor ons is, vandaag.


41 Wie een profeet ontvangt in de naam van een profeet, zal het loon van een profeet in ontvangst nemen, en wie een rechtvaardige ontvangt in de naam van een rechtvaardige, zal het loon van een rechtvaardige in ontvangst nemen. 13 En Elia zegt tot haar: "Het moet niet zo zijn dat je vreest. Kom, doe naar jouw woord. Maak voor mij van daar eerst een kleine broodkoek, en breng die voor mij. En voor jou en jouw zoon doe jij later; 14 want zo zegt JAHWEH, Elohim van Israël: De kruik van het meel zal niet uitgeput worden en de kroes van de olie zal niet slinken tot aan de dag dat JAHWEH een stortbui geeft op de oppervlakte van de grond." (SW)[1Kon. 17:13,14] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

41

Zie 1Kon. 17:10; 18:4; 2Kon. 4:8; Hebr. 13:2.


42 En wie één van deze °kleinen ook maar deze drinkbeker met koel water te drinken zou geven* in de naam van een leerling, amen, Ik zeg jullie, hij zou zijn °loon toch niet verliezen*. Want wie ooit jullie een beker water te drinken* zal geven in Mijn naam, omdat jullie van Christus zijn, amen, Ik zeg tot jullie dat hij zijn °loon niet zou verliezen*[Mar. 9:41 ]




Terug naar de index.
Naar Mattheüs 11
   


© www.schriftwoord.nl
U mag deze tekst voor eigen gebruik en studie-doeleinden zonder toestemming vermenigvuldigen.
Citeren van deze tekst mag alleen met bronvermelding.
Vermenigvuldiging voor commercieel gebruik alleen met toestemming van de uitgever.