Dit is een eigen SchriftWoord vertaling van
Mattheüs
Hoofdstuk 13

   
(Ga met de muis op een groene naam staan, dan ziet u de betekenis.
Ga met de muis op een tekstverwijzing staan, dan ziet u de tekst.
Klik op "Commentaar" en u krijgt een stukje tekst dat slaat op dit vers)

1 In die dag zat JezusJAH redt, vanuit het woonhuis komend*, bij de zee.
2 En naar Hem toe werden vele scharen verzameld*, zodat Hij tot in een schip stapte* om te zitten. En de hele schare stond op het strand. 1 En het gebeurde* nu dat de schare voortdurend bij Hem aandringt en het woord van °God hoort, dat Hij staande was bij het meer Genessaret. 2 En Hij nam twee schepen waar, staande bij het meer. De vissers nu, er vanaf stappend, spoelden hun °netten. 3 Nu instappend* in één van de schepen, dat van Simon was, vraagt* Hij hem een weinig terug de zee op te gaan. Nu zijnde gaan zitten*, onderwees Hij de scharen vanuit het schip. (SW)[Luc. 5:1-3] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

1-9

Vergelijk met Markuseen verdediging 4:1-9; Lukaslichtgevend 8:4-8.

[Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

1

De actie is opmerkelijk en komt overeen met Zijn afwijzing van Zijn verwanten. Hij plaatst Zichzelf buiten het kunstmatige Joodse systeem. Hoewel er grote menigten komen, proclameert Hij niet de nabijheid van het koninkrijk, maar spreekt op zo’n manier dat zij het niet kunnen begrijpen, de betekenis verhullend in parabels. Zijn onderwerp is nog steeds het koninkrijk, maar Hij houdt Zich bezig met het verleden er van en met de toekomst, niet met de huidige verkondiging. Hij spreekt geheimen die tot dan toe niet onthuld waren, die zelfs Zijn eigen discipelen niet konden begrijpen.


3 En Hij spreekt* vele dingen tot hen in parabels, zeggend: "Neem waar! De zaaier kwam uit, zaaiend om te zaaien. [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

3-5

Zie verzen 18-21

[Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

3

De verwijdering van het koninkrijk naar een afstand in tijd wordt aangegeven door het te vergelijken met het zaaien en groeien en oogsten van een gewas. Was het nog steeds nabij, dan zou Hij Zichzelf nooit Zaaier genoemd hebben, maar Oogster, zoals in Openbaring, wanneer het koninkrijk op punt staat te verschijnen (Openb. 14.14).

De Heer zelf is de Zaaier, en de parabel geeft ons de gevolgen van Zijn voorbije bediening. Het laat ons zien waarom Zijn verkondiging niet de hele natie in het koninkrijk had geveegd. We moeten nu wachten tot het gezaaide klaar is voor de oogst. Het gepresenteerde beeld is waar voor het leven van de Oriėnt. De niet afgebakende velden werden verdeeld onder de boeren en de wegen gingen dwars door het graan, zodat het vrijwel onmogelijk was iets op de harde grond te zaaien. Er waren vaak rotsen die uitstaken uit het land en een dunne laag grond er vlakbij, en in veel plaatsen waren de doornen zo dik, dat de boeren er mee waren opgehouden ze te verwijderen. Zo de grond was, zo was het volk. Er is zon en regen van de hemel nodig om de rotsen om te vormen in vruchtbare grond. Het hart van het volk was nog steeds hard. Er zullen de stormen van vervolging en het vuur van benauwdheid voor nodig zijn om het voor te bereiden voor het koninkrijk van ChristusGezalfde.


4 En bij zijn °zaaien valt* iets inderdaad naast de weg en de vliegende schepsels kwamen en aten het op.
5 Een ander deel, echter, valt* op de rotsachtige plaatsen, waar het niet veel aarde had. En onmiddellijk schiet* het op, omdat het geen diepte van aarde heeft.
6 Bij het opgaan* van de zon, echter, wordt het verschroeid* en omdat het geen wortel heeft verdort* het.
7 Ander zaad, echter, valt* op de dorens en komt* op. En de dorens smoren* ze. [Commentaar]
Commentaar door Wim Janse

7-8

In deze gelijkenis vinden we vier elementen waarin het zaad wordt gezaaid.

1. Langs de weg. Een weg in het toenmalige Israėl was niet een geplaveide weg, maar een spoor van, doorheen de tijd, aangestampte grond. Dit is een beeld van de weg die veel kerken gaan. Men volgt de tradities van de vaders en denkt daarmee God een genoegen te doen. Maar helaas heeft de traditie het gehoor en het zien zo keihard vastgestampt met hun eigen dogma's, dat als er zaad gezaaid wordt (het evangeliegoede bericht wordt gebracht) het op een keiharde bodem terecht komt, waar het geen wortel kan schieten. De vogels, in de Schrift een beeld van het kwaad en verderf, pikken het goede zaad op en zo komt het niet bij de mensen.

2. Steenachtige plaatsen zonder veel grond. Dit is een beeld van dat deel van de mensheid dat uit is op snel gewin (ook geestelijk), maar als het niet brengt wat men er van verwacht en als er tegenwind komt, is in hen het evangeliegoede bericht maar een kort leven beschoren.

3. Tussen de dorens. Dit is een beeld van de mensen in wie het evangeliegoede bericht gezaaid wordt, maar de angst voor de omstandigheden en het verlangen naar rijkdom drukt het weg en verstikt de groei. (zie ook vers 22).

4. De goede grond. Goede grond is het gevolg van de juiste bemesting en bewerking. Dit is een beeld van mensen die door God goed voorbereid zijn, in wie in het zaad van het evangeliegoede bericht een veilige plek kan vinden tussen de kluiten grond. Daar kan het begoten worden en diep wortel schieten. Zo brengt het een mooie plant voort die vrucht gaat brengen en zo kan de plant van het geloof alle tegenwind weerstaan.

[Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

7-8

Zie verzen 22 en 23.


8 Ander zaad, echter, valt* op de ideale °aarde en het gaf vrucht, dat inderdaad honderd, dat echter zestig, dat echter dertig.
9 Wie oren heeft om te horen, laat hem horen!" Die een oor heeft, laat hem horen* wat de geest zegt tot de ekklesias: "Aan de overwinnende. Ik zal hem te eten geven van het hout van het leven, welke is in het midden van het paradijs van °God."(SW)[Openb. 2:7]
10 En naar Hem toekomend zeggen* de leerlingen tot Hem: "Waarom spreekt U tot hen in parabels?" [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

10-13

Vergelijk met Markuseen verdediging 4:10-13; Lukaslichtgevend 8:9-10.


11 Hij nu, antwoordend, zei tot hen: "Jullie is het gegeven de geheimen van het koninkrijk van de hemelen te kennen*, maar aan die is het niet gegeven. Hij die bij machte is jullie standvastig te maken overeenkomstig mijn evangelie en de proclamatie van Christus Jezus, overeenkomstig de onthulling van het geheim, aionische tijden verzwegen zijnde, (SW)[Rom. 16:25] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

11

Er kan niet sterk genoeg de nadruk op worden gelegd dat de parabels van onze Heer niet bedoeld waren om uit te leggen, maar om te verhullen. Hij hulde Zijn boodschap in figuren, zodat men ze niet zou verstaan.


12 Want die heeft, aan hem zal gegeven worden en hij zal overvloed hebben. Maar die niet heeft, van hem zal ook wat hij heeft weggenomen worden. Want wie heeft, het zal hem gegeven worden, en wie niet heeft, ook wat hij heeft zal van hem weggenomen worden."(SW)[Mar. 4:25] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

12

Vergelijk met Markuseen verdediging 4:24-25; Lukaslichtgevend 8:18. Deze ietwat raadselachtige uitspraak moet verstaan worden in verband met de context. De discipelen van onze Heer hadden geestelijke gaven ontvangen die hen in staat stelden meer te ontvangen. Zij die niet in Hem geloofd hadden, hadden geen middelen om te ontvangen wat Hij nu uitdeelde, want zij hadden geen geestelijk onderscheidingsvermogen. Niet alleen zouden zij deze geestelijke voordelen verliezen, maar zij zouden, als gevolg van de nationale afvalligheid, ook de voorrechten verliezen die zij hadden als volk van Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker.


13 Vanwege dit spreek Ik tot hen in parabels, opdat kijkend zij niet kijken en horende zij niet horen, noch begrijpen.
14 En aan hen wordt de profetie van Jesajaheil is JAH aangevuld, die zegt: 'Met gehoor zullen jullie horen en jullie zullen toch niet begrijpen, en kijkend zullen jullie kijken, en jullie zullen toch niet waarnemen.' [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

14

Vergelijk met Jesajaheil is JAH 6:9,10, Septuagint. Zie JohannesJAH is genadig 12:37-40; Handelingen 28:25-27; Romekrachtinen 11:7-10; 2Korintheverzadigd 3:14-16.

Dit citaat uit het zesde hoofdstuk van Jesajaheil is JAH wordt vaker geciteerd dan welke andere passage van de profeten dan ook. Het komt voor bij de twee grote crises in de geestelijke geschiedenis van Israėlstrijder van God: de verwerping van de koninkrijksverkondiging van ChristusGezalfde, en de verwerping van de vernieuwing er van door de heilige Geest in Handelingen (Hand. 28:25-27). Het markeert altijd het stilstaan van het evangeliegoede bericht van het koninkrijk, pogend hun ogen te openen, maar ze verblindend. Na Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine’ uitspraak van Israėlstrijder van God’s doem, stopt de verkondiging van het koninkrijk. De geschiedenis van het koninkrijk houdt op. Ze zal pas hervat worden als de huidige bedeling van Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker’s genade, waarin het evangeliegoede bericht rechtstreeks naar de naties gaar, buiten Israėlstrijder van God’s bemiddeling om, voltooid is. Dan zal nogmaals het evangeliegoede bericht niet naar alleen Israėlstrijder van God gaan, maar doorheen hen naar alle naties.


15 Want het hart van dit °volk wordt log gemaakt* en zij horen* op zware wijze met hun °oren en zij sluiten* hun °ogen, opdat zij niet met de ogen zullen waarnemen en met de oren zouden horen en met het hart zullen begrijpen en zij zouden omkeren en Ik hen gezond zal maken. 9 En Hij zei: "Ga en zeg tot dit volk: Hoorm, ja hoorm, maar het moet niet zo zijn dat jullie begrijpen; en ziem, ja ziem, maar het moet niet zo zijn dat jullie weten. 10 Maak het hart van dit volk vadsig en maak hun oren zwaar en doe hun ogen loensen, opdat zij met hun ogen niet zien en met hun oren niet horen en met hun hart niet begrijpen en het terugkeert en genezing voor zichzelf krijgt. [Matt. 13:14,15] (SW)[Jes. 6:9,10]
16 Maar gelukkig zijn jullie °ogen, want zij bekijken, en jullie °oren, want zij horen. [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

16-17

Vergelijk met Lukaslichtgevend 10:23-24. Zie 16:17.


17 Amen! Want Ik zeg tot jullie dat vele profeten en rechtvaardigen begeren* waar te nemen wat jullie bekijken en zij nemen niet waar*, en te horen* wat jullie horen en zij horen* niet. 23 En Zich kerend naar de leerlingen zei* Hij onder elkaar: "Gelukkig de ogen die de dingen bekijken die jullie bekijken. 24 Want Ik zeg jullie dat vele profeten en koningen de dingen willen* waarnemen die jullie bekijken en zij niet waarnemen*, en van Mij de dingen te horen* die jullie horen en zij niet horen*."(SW)[Luc. 10:23,24]
18 Jullie dan, hoor*m de parabel van de zaaier. [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

18-23

Vergelijk Markuseen verdediging 4:14-20; Lukaslichtgevend 8:11-15.


19 Bij elk die het woord van het koninkrijk hoort en het toch niet begrijpt, komt de boosaardige en rooft het in zijn °hart gezaaide weg. Deze is die naast de weg gezaaid wordt. [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

19

Gebrek aan begrip legt het hart open voor de invallen van kwaadaardige geestmachten. De belangrijkste tegenstand tegen de bediening van onze Heer kwam van bovenmenselijke bronnen. Voordat Hij ook maar kon beginnen met Zijn werk, probeerde SatanTegenstander Hem op een zijspoor te brengen. Hij wierp voortdurend demonen uit. Deze satanische tegenstand duurde tot het einde. SatanTegenstander nam Petrusrots te grazen en bezat Judalofs. Voordat het koninkrijk gevestigd zal worden, zal hij gebonden worden (Openb. 20:2). Dan zal geen kwade geest de mensheid misleiden tot aan de afsluiting van de duizend jaren.


20 En het op de rotsachtige plaatsen gezaaide, deze is die het woord hoort en het meteen met vreugde in ontvangst neemt, [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

20

Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker’s huidige evangeliegoede bericht van pure genade verwacht niets van een mens. Het gedijdt op alle grond. Voor iemand die het echt ontvangt is het nooit tijdelijk. Het zal vrucht dragen te midden van stenen en doornen, want het verwacht geen voeding van beneden. Deze parabel heeft in het geheel geen toepassing op het evangeliegoede bericht van vandaag. Hij verwijst exclusief naar de verkondiging van het koninkrijk door onze Heer zelf tot aan de tijd waarin hij werd gesproken. Van de velen die Hem hadden gehoord werd slechts een klasse van de vier Zijn discipelen.


21 maar hij heeft geen wortel in zichzelf, maar is tijdelijk. Bij de komst nu van verdrukking of vervolging vanwege het woord wordt hij meteen verstrikt.
22 Wat nu tot in de doornen gezaaid wordt, deze is die het woord hoort en de bezorgheid van deze °aion en de verleiding van de rijkdom verstikt het woord en het wordt onvruchtbaar. 16 Hij nu zei hen een parabel, zeggend: "De landstreek van een zeker rijk mens brengt* veel op. 17 En hij redeneerde* in zichzelf, zeggend: 'Wat zal ik doen, want ik heb niets waarin ik mijn °vruchten zal verzamelen?' 18 En hij zei: 'Dit zal ik doen! Ik zal mijn °opslagplaatsen neerhalen en ik zal grotere bouwen en ik zal daar al het graan en het goede van mij verzamelen, 19 en ik zal tot mijn °ziel uitspreken: Ziel, jij hebt vele goede dingen liggen voor vele jaren; rust, eet, drink en wees vrolijk!'20 Maar °God zei tot hem: 'Onverstandige! Deze °nacht vragen zij van jou jouw °ziel terug. Wat jij nu gereed maakt*, voor wie zal het zijn?' 21 Zo is hij die opspaart voor zichzelf en toch niet rijk is tot in God."(SW)[Luc. 12:16-21]
23 Wat nu in de ideale aarde gezaaid wordt, deze is die het woord hoort en begrijpt, die hoe dan ook vrucht voortbrengt en maakt, deze inderdaad honderd, maar deze zestig en deze dertig."
24 Een andere parabel zet* Hij hen voor, zeggend: "Het koninkrijk van de hemelen wordt vergeleken* met een mens, ideaal zaad zaaiend* in zijn eigen °veld. [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

24-30

Zie verzen 36-38.

[Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

24

Deze parabel houdt zich bezig met de toekomstige koers van de koninkrijksverkondiging voordat het komt. Er is dezelfde Zaaier als in de voorgaande parabel. Het gaat hier niet over de soort grond, maar over het soort zaad. De Zaaier zaait ideaal zaad. Zijn vijand zaaide dat wat er op leek, maar giftig was. Dolik lijkt zoveel op graan of gerst voordat het vrucht schiet, dat het praktisch onmogelijk lijkt ze te scheiden. Het was gebruikelijk graanvelden de wieden, maar dolik leek teveel op de goede halmen om ze te kunnen onderscheiden. Het is een sterk slaapverwekkend gif, en werd gewand en uit het graan gezocht, korrel voor korrel, voordat het tot meel werd gemalen. De dolik staat voor de horde van hypocrieten die hun plaats innamen onder de echte discipelen. Er was er zelfs een onder de twaalf apostelen. Hun aantal nam sterk toe in de latere jaren van de Pinkster era. Zij zullen in de tijd van het einde voorspoedig zijn, maar vergaan in de oordelen die het koninkrijk inluiden.


25 Maar terwijl de mensen lagen te sluimeren kwam zijn °vijand en zaait* er giftig onkruid overheen, te midden van het graan, en hij kwam weg.
26 Wanneer echter de halm ontkiemt* en vrucht maakt*, op dat moment verscheen* ook het giftige onkruid.
27 De slaven van de huiseigenaar nu, naar hem toe komend, zeiden tot hem: "Heer, zaaide* u niet ideaal zaad in uw °veld? Waar vandaan heeft het dan giftig onkruid?"
28 Hij nu zei met nadruk tot hen: "Een vijandig mens deed* dit." De slaven nu zeggen tot hem: "Wil u dan dat wij, wegkomend, het zouden bijeenrapen?"
29 Maar hij zegt met nadruk: "Nee, opdat jullie niet door het bijeenrapen van het giftige onkruid tegelijkertijd met hen het graan zouden ontwortelen.
30 Laat*m beide samen opgroeien tot de oogst en in de periode van de oogst zal ik tot de oogsters uitspreken: 'Raap*m eerst het giftige onkruid bijeen en bind*m het tot bundels om ze te verbranden*. Maar verzamelm het graan tot in mijn °opslagplaats.'" Wiens °wanschop in Zijn °hand is. En Hij zal Zijn °dorsvloer grondig reinigen en Hij zal Zijn °graan verzamelen tot in de opslagplaats, maar het kaf zal Hij verbranden met onuitblusbaar vuur."(SW)[Matt. 3:12]
31 Een andere parabel zet* Hij hen voor, zeggend: "Het koninkrijk van de hemelen lijkt op een zaadkorrel van mosterd, die een mens, ze nemend*, zaait* in zijn °veld, De Heer nu zei: "Indien jullie geloof hebben als een zaadkorrel van mosterd, en jullie ook maar tegen deze zwarte moerbeiboom zeiden: 'Word ontworteld en word in de zee geplant,' hij ooit aan jullie gehoorzaamt*(SW)[Luc. 17:6] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

31-32

Vergelijk Markuseen verdediging 4:30-32: Lukaslichtgevend 13:18-19; Zie Daniėlrechter is God 4:10-12.

[Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

31

Mosterd is, net als dolik, een ramp voor de graanboer. Het is geen gezond voedsel, maar een toekruid. Haar snelle groei vanuit een klein begin staat in opvallende tegenstelling met de parabel van de Zaaier. Haar onheilspellend belang wordt bevestigd door de plaats die het geeft aan de vogels. In de eerste parabel staan deze voor de boze geesten in hun tegenwerking aan de verkondiging van onze Heer. Nu nemen ze echt hun plaats in op de takken. In de tijd van het einde zal er een buitengewoon snelle ontwikkeling van het koninkrijk zijn onder de Joden, die zal uitlopen in het valse Babylonwirwar, dat de kooi zal worden voor iedere hatelijke vogel (Openb. 18:3), en steunt de boze geesten die eens de koninkrijksverkondiging tegenwerkten.


32 dat inderdaad kleiner is dan al de zaden, maar wanneer het ook maar gegroeid zal zijn is het groter dan de groenten en het wordt een boom, zodat de vliegende schepsels van de hemel komen en nestelen op zijn °takken." 12 Op hen verblijft wat vliegt van de hemelen; van tussen het dichte gebladerte geven zij geluid. (SW)[Psalm 104:12]
33 Een andere parabel spreekt* Hij tot hen: "Het koninkrijk van de hemelen lijkt op zuurdeeg dat een vrouw, het nemend, verbergt* in drie seaheen seah is 1/30 kor - ongeveer 5½ nederlands koffiekopjes meel, tot dat geheel werd doorzuurd*." Een klein beetje zuurdeeg doorzuurt het gehele kneedsel. (SW)[Gal. 5:9] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

33

Vergelijk met Lukaslichtgevend 13:20,21. Zie ZachariaJAH gedenkt 5:5-11.

Gist is, in de Schrift, altijd een beeld van kwaad en verderf. De Joden reinigen eens per jaar alle gist uit hun huizen voor het feest van de Ongezuurde Broden (26:17; Exo. 11:15). Dit noemt de apostel kwaad en boosaardigheid (1Kor. 5:8). Alle typen van ChristusGezalfde moesten zonder gist zijn (ezo. 23:18; 34:25; Lev. 2.11; 6:17). Het meel was goed, maar de vrouw brengt stiekem kwaad binnen, dat er voor zorgt dat het uitzet en het smakelijk maakt voor mensen. De vrouw kan nauwelijks iemand anders zijn dan die valse figuur van de eindtijd, het grote Babylonwirwar. De afvallige natie zal zo de verkondiging corrumperen om de niet-wedergeborenen in Israėlstrijder van God aan zich te binden. In plaats van naar de MessiasGezalfde uit te zien om Zijn heerschappij te vestigen en ze er een plaats in te geven, doen zij zoals ze deden in de oude tijden, toen zij leunden op Egypte (egyptisch)huis van (de god) Ptah - (koptisch) het zwarte land (t.o.v. de witte woestijn) en Assyriė, in plaats van op JAHWEH. In de eindtijd zal Babylonwirwar door alle naties op aarde ondersteund worden in milleniale grandeur. Het is waar dat de gist van onoprechtheid en valsheid vandaag werkzaam is in het Christendom, aanzwellend tot een grote wereldmacht, smakelijk voor mensen maar een gruwel in het oog van Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker, maar deze parabel verwijst alleen naar het koninkrijk. Gist typeert kwaad en alleen kwaad, altijd.


34 Al deze dingen spreekt* °JezusJAH redt in parabels tot de scharen en los van een parabel sprak Hij niets tot hen, [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

34-35

Vergelijk met Markuseen verdediging 4:33,34.


35 zodat vervuld zou worden het door de profeet uitgesprokene, zeggend: "Ik zal Mijn °mond openen in parabels. Ik zal uitstoten wat verborgen is vanaf de neerwerping." 2 Ik zal mijn mond openen met een spreekwoord, ik zal raadsels van vroeger uitspreken, (SW)[Psalm 78:2] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

35

Dit verwijst naar de nederwerping van het koninkrijk van het huis van Davidgeliefde. Dit is het onderwerp van de zogeheten acht en zeventigste Psalm, waaruit dit citaat werd genomen.


36 Dan, de scharen gaan latend, kwam Hij binnen tot in het woonhuis. En Zijn °leerlingen komen* naar Hem toe, zeggend: "Licht* voor ons de parabel van het giftige onkruid van het veld toe." Zijn °leerlingen nu stelden Hem een vraag: "Wat moge deze °parabel zijn?" (SW)[Luc. 8:9]
37 Hij nu, antwoordend, zei: "Die het ideale zaad zaait is de Zoon van de mens. [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

37

De geschiedenis van de koninkrijksverkondiging in Handelingen en wat wordt voorzegd in de besnijdenisbrieven en de Openbaring, draagt volledig de voorzegging van onze Heer uit. Daar waren de zeven zonen van Scevagedachtenlezer (Hand. 19:15), de wolven in Efezetoegestaan (Hand. 20:29), de rijke in Jakobhielenlichterus (5:1), de valse profeten van 2 Petrusrots en zij die hen volgen, zij die van de synagoge van SatanTegenstander zijn (Openb. 2:9), de Nicolaieten (Openb. 2.15), Jezebel (Openb. 2.20), en het grote Babylonwirwar (Openb,. 18-19:5) – al deze hypocrieten waren als dolik in het veld en werden toegelaten om tot nu toe te bloeien. Maar wanneer de oogst komt zullen de bozen gescheiden worden van tussen de rechtvaardigen en overgegeven voor oordeel. Zo’n soort scheiding zal niet plaatsvinden in het lichaam van ChristusGezalfde. De leden er van vallen buiten het gebied van veroordeling (Rom. 8:1). Er is geen excuus voor het hebben van gemeenschap met ongelovigen (2Kor. 6:14). Zij zouden los van elkaar moeten zijn. Deze passage houdt geen verband met ons gedrag. Het houdt zich alleen bezig met de Besnijdenis.


38 Het veld nu is de wereld. Het ideale zaad nu, dezen zijn de zonen van het koninkrijk, maar het giftige onkruid zijn de zonen van de boosaardige. Jullie zijn uit jullie °vader, de duivel, en jullie willen de begeerten van jullie °vader doen. Deze was mensenmoordenaar vanaf het begin en hij staat niet in de waarheid, want in hem is geen waarheid. Wanneer hij de leugen zal spreken, spreekt hij vanuit zichzelf, want hij is leugenaar en de vader daarvan. (SW)[Joh. 8:44]
39 De vijand nu, die zaait*, is de duivelVerdachtmaker. De oogst nu is de voltooiing van de aion en de oogsters nu zijn boodschappers.
40 Net zoals dan het giftige onkruid wordt bijeengeraapt en in vuur wordt verbrand, zo zal het zijn in de voltooiing van de aion. 10 Reeds ligt de bijl al aan de wortel van de bomen. Iedere boom dan die toch niet goede vrucht geeft wordt omgehakt en wordt tot in vuur geworpen. 11 Ik doop jullie inderdaad in water, tot in bezinning, maar Die na mij komt, is sterker dan ik, Wiens sandalen ik niet bevoegd ben te dragen*. Hij zal jullie dopen in heilige geest en vuur, 12 Wiens °wanschop in Zijn °hand is. En Hij zal Zijn °dorsvloer grondig reinigen en Hij zal Zijn °graan verzamelen tot in de opslagplaats, maar het kaf zal Hij verbranden met onuitblusbaar vuur." (SW)[Matt. 3:12]
41 De Zoon van de mens zal Zijn °boodschappers afvaardigen en zal vanuit Zijn °koninkrijk alle °valstrikken en die de wetteloosheid doen bijeenrapen, En dan zal Hij Zijn boodschappers afvaardigen en Hij zal Zijn °uitverkozenen bijeen brengen uit de vier winden, vanaf het uiteinde van de aarde tot het uiteinde van de hemel.(SW)[Mar. 13:27]
42 en zij zullen hen tot in de smeltoven van het vuur werpen. Daar zal het huilen zijn en het knarsen van °tanden. Daar zal het geween zijn en het knarsen van °tanden, wanneer jullie ook maar Abraham en Isaäk en Jakob zouden zien en alle profeten in het koninkrijk van °God, maar jullie buiten geworpen wordend.(SW)[Luc. 13:28]
43 Dan zullen de rechtvaardigen stralen als de zon in het koninkrijk van hun °Vader. Die oren heeft om te horen, laat hem horen! 3 En de intelligenten zullen waarschuwen als de waarschuwing van de atmosfeer en zij die leiden tot rechtvaardigheid van de velen zullen zijn als de sterren voor de aion en verder. (SW)[Dan. 12:3] -
44 Het koninkrijk van de hemelen lijkt op een schat, verborgen zijnde in het veld, die een mens, ze vindend, verbergt*. En vol vaneig. vanaf zijn °vreugde gaat hij heen, verkoopt alles, zoveel als hij heeft, en koopt dat °veld. [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

44

In een land dat bloot staat aan revoluties, invasies en rovers, was het gebruikelijk geld en waardevolle zaken te verbergen in grot-achtige kluizen in de velden. Deze worden niet zelden per ongeluk gevonden, en veroorzaken vaak grote opwinding. Het zou gevaarlijk zijn in andermans veld te graven, vandaar het kopen. Israėlstrijder van God is de schat. Het veld is de wereld (zie 38). Om Zelf de schat te bezitten geeft de Zoon van de Mensen alles wat Hij heeft en koopt de wereld. Hij heeft de prijs meer dan betaald met Zijn bloed.


45 Weer: het koninkrijk van de hemelen lijkt op een mens, een koopman, zoekend naar ideale parels. [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

45

De parabel van de parel is een ander aspect van de waarheid die onthuld wordt door de parabel van de schat die in het veld verborgen was. De zee is een beeld van de naties, onder wie Israėlstrijder van God is verstrooid. De verstrooiing onder de naties is de kostbare parel die door de Koopman gewenst werd, Die al Zijn rijkdommen opgaf om die voor Zichzelf te kopen. Zij zullen in die dag Zijn speciale schat zijn.

Er is geen grond voor de populaire gedachte dat ChristusGezalfde de parel is, gevonden door de zondaar die redding zoekt. Hij is inderdaad kostbaar, maar zondaars zijn geen zoekers. Het is altijd de Redder Die de verlorene vindt. Hij is niet verloren of verborgen. Hier hebben we een ander aspect van Israėlstrijder van God’s verstrooiing onder alle volken. Er zal een scheiding zijn, zoals in de parabel van de dolik werd aangegeven, en de kwaden zullen vernietigd worden in de verschrikkelijke oordelen van de zeven schalen (Openb. 15:5; 16:21).


46 Nu een parel van hoge waarde vindend, heeft hij, wegkomend, alles verhandeld, zoveel als hij had, en koopt* hem.
47 Weer: het koninkrijk van de hemelen lijkt op een sleepnet, geworpen wordend tot in de zee en dat vanuit elke soort verzamelt,
48 dat, wanneer het gevuld* werd, omhoog gehesen* wordt op het strand. En gezeten zijnde rapen* zij de ideale bijeen tot in de vaten, maar rotte wierpen* zij buiten.
49 Zo zal het zijn in de voltooiing van de aion. De boodschappers zullen uit komen en zij zullen de boosaardigen afzonderen vanuit het midden van de rechtvaardigen.
50 En zij zullen hen tot in de smeltoven van het vuur werpen; daar zal het huilen zijn en het knarsen van de tanden.
51 Begrijpen jullie al deze dingen?" Zij zeggen tot Hem: "Ja."
52 Hij nu zei tot hen: "Vanwege dit zal elke schriftgeleerde, leerling gemaakt* wordend, in het koninkrijk van de hemelen, lijken op een mens, een huiseigenaar, die vanuit zijn °schat nieuwe dingen en oude dingen haalt."
53 En het gebeurde* wanneer °JezusJAH redt deze °parabels tot een einde brengt*, Hij van daar wegtrekt*. [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

53-58

Vergelijk met Markuseen verdediging 6:1-6.

[Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

53

Ondanks de behandeling die Hij hand ontvangen toen Hij Nazaretjonge spruit of bewaker eerder bezocht (Lukaslichtgevend 4:15-30), toen zij eigenlijk probeerden Hem ter dood te brengen, en het feit dat Zijn eigen broeders Hem gek verklaard hadden, keert Hij genadevol terug naar het huis van Zijn jeugd, dit keer net zo lang blijvend als Hij wilde en geen openlijke vijandigheid ontmoetend. Het kan zijn dat Hij de geruchten wilde tegenspreken die Zijn broers over Hem verspreid hadden door Zijn komst en door Zijn genezen van hun zieken. Maar de Nazarenersuit Nazaret - jonge spruit of bewaker vonden het onmogelijk hun vooroordelen terzijde te leggen. Hoe kon Hij, een stadgenoot van hen, tot iets in staat zijn? Zij wisten alles over Hem en Zijn familie. Zo was het ook met de profeten en gaat voort tot op vandaag. Geen man van Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker hoeft erkenning te verwachten van die hen waarmee hij bekend is.


54 En komend* tot in Zijn °vaderstad, onderwees Hij hen in hun °synagoge, zodat zij versteld staan en zeggen: "Van waar heeft deze de wijsheid en de machten? De Joden dan zeiden verwonderd: "Hoe heeft deze de documenten waargenomen, toch niet geleerd hebbend?"(SW)[Joh. 7:15] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

54

Zie JohannesJAH is genadig 7:16,17


55 Is deze niet de zoon van de timmerman? Wordt zijn °moeder niet Mariahun opstand (??) genoemd en zijn broeders Jakobhielenlichterus en JozefHij (God) vermeerdere (het aantal kinderen na dit kind) en Simongehoord (heeft JAH) en Judaslof? En Hij, Jezus, beginnend, was ongeveer dertig van jaren, zoon zijnde, omdat Hij werd gewettigd* door Jozef, de zoon van Eli,(SW)[Luc. 3:23] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

55

Zie Zie Jesajaheil is JAH 49:7; 53:2,3; Handelingen 1:14


56 En zijn zusters, zijn zij niet allen bij ons? Van waar dan heeft deze al deze dingen?"
57 En zij werden verstrikt* in Hem. Maar °JezusJAH redt zei tot hen: "Een profeet is niet ongeėerd, behalve in de eigen vaderstad en in zijn °woonhuis." En gelukkig is hij die niet in Mij gevalstrikt* zal worden." (SW)[Matt. 11:6] - want Jezus Zelf geeft* getuigenis dat een profeet in het eigen vaderland geen eer heeft.(SW)[Joh. 4:44]
58 En Hij doet* daar niet vele machten, vanwege hun °ongeloof.





Terug naar de index.
Naar Mattheüs 14
   


© www.schriftwoord.nl
U mag deze tekst voor eigen gebruik en studie-doeleinden zonder toestemming vermenigvuldigen.
Citeren van deze tekst mag alleen met bronvermelding.
Vermenigvuldiging voor commercieel gebruik alleen met toestemming van de uitgever.