1 Korinthe
Hoofdstuk 2
Dit is een eigen SchriftWoord vertaling.
|
| |
(Ga met de muis op een groene naam staan, dan ziet u de betekenis. Ga met de muis op een tekstverwijzing staan, dan ziet u de tekst. Klik op "Commentaar" en u krijgt een stukje tekst dat slaat op dit vers)
1 En ik, naar jullie toe komend*, broeders, kwam niet overeenkomstig superioriteit van woord of van wijsheid, aan jullie het getuigenis van ° aankondigend,
[Commentaar]
2 want ik oordeel* niet iets te hebben waargenomen in jullie dan , en Deze gekruisigd zijnde.
3 En ik kwam* in zwakheid en in vrees en in veel siddering naar jullie toe,
4 en mijn °woord en mijn °proclamatie kwam niet in overredende woorden van menselijke wijsheid, maar in betoning van geest en van macht,
5 opdat het geloof van jullie niet zal zijn in wijsheid van mensen, maar in macht van .
6 Maar wij spreken wijsheid onder degenen die volwassen zijn, maar niet wijsheid van deze °aion, noch van de oversten van deze °aion, die buiten werking wordt gesteld,
7 maar wij spreken wijsheid van in een geheim, dat ° tevoren beschikt* had, vóór de aionen, tot in onze heerlijkheid.
[Commentaar]
8 Niemand van de oversten in deze °aion heeft dit geweten, want indien zij het wisten*, kruisigden* zij nooit de Heer van de heerlijkheid.
9 Maar zoals het is geschreven: "De dingen die het oog niet waarnam en het oor niet hoort* en in het hart van de mens niet opkwam*, die maakt ° gereed* voor die Hem liefhebben."
[Commentaar]
10 Maar° onthult* het ons door Zijn °geest, want de geest doorzoekt alle dingen, ook de diepten van °.
11 Want wie van de mensen heeft de dingen van de mens waargenomen, anders dan de geest van de mens die in hem is; zo heeft niemand de dingen van ° geweten, anders dan de geest van °.
[Commentaar]
12 Wij nu namen niet de geest van de wereld in ontvangst, maar de geest vanuit °, opdat wij de dingen onder God zullen waarnemen, genadig aan ons gegeven wordend,
13 de dingen ook die wij spreken, niet onderwezen in woorden van menselijke wijsheid, maar in onderwijs van geest, geestelijke dingen met geestelijke woorden vergelijkend.
[Commentaar]
14 Maar een ziels mens ontvangt niet de dingen van de geest van °, want voor hem is het domheid. En hij kan het niet kennen, omdat het op geestelijk wijze wordt beoordeeld.
15 Maar de geestelijke mens beoordeelt inderdaad alle dingen, maar hij zelf wordt onder niemand beoordeeld.
16 Want wie kende* het denken van de Heer, dat die Hem zal instrueren? Maar wij hebben het denken van .
Terug naar de index.
Naar 1 Korinthe 3
|
|
© www.schriftwoord.nl U mag deze tekst voor eigen gebruik en studie-doeleinden zonder toestemming vermenigvuldigen.
Citeren van deze tekst mag alleen met bronvermelding.
Vermenigvuldiging voor commercieel gebruik alleen met toestemming van de uitgever.
|