De eerste brief van Paulus aan de Korintiërs
1 Korinte
Hoofdstuk 5

Dit is een eigen SchriftWoord vertaling.

   
(Ga met de muis op een groene naam staan, dan ziet u de betekenis.
Ga met de muis op een tekstverwijzing staan, dan ziet u de tekst.
Klik op "Commentaar" en u krijgt een stukje tekst dat slaat op dit vers)


1 Er wordt veel over ontucht onder jullie gehoord en zulke ontucht welke zelfs niet onder de natiën wordt genoemd, zodat iemand de vrouw van zijn °vader heeft. Gij zult de schaamte uws vaders en de schaamte uwer moeder niet ontdekken; zij is uw moeder; gij zult haar schaamte niet ontdekken. Gij zult de schaamte der huisvrouw uws vaders niet ontdekken; het is de schaamte uws vaders. (SV)[Lev. 18:7,8] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

1

Zelfs wanneer we denken aan het enorme gebrek aan moraal dat heerste in veel van de grote en luxueuze steden van het Romekrachtinse rijk in die tijd, de verdervende invloed van de heidense godheden die zij nog zo recent hadden gediend, en de gretigheid waarmee zij probeerden dit kwaad recht te krijgen, kunnen we nauwelijks zien hoe zoín stand van zaken in Korinteverzadigd kon bestaan, en schijnt het, op het eerste zicht, nog moeilijker te zien waarom het inbegrepen zou worden in Heilige Schrift, het mikpunt van de ongelovigen en het speeltje van de goddelozen te zijn. Toch is heel Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikkers woord zo. Het is een licht dat er geen probleem mee heeft alle schande en oneer bloot te leggen van juist hen van wie gezegd wordt dat ze de rechtvaardigheid van Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker bezitten. En het staat vol met troost voor hen die vallen, want indien Zijn genade in zoín geval afdoende was, zal het afdoende zijn voor allen.


2 En jullie zijn opgeblazen en jullie rouwen* niet veeleer, opdat degene die dit °werk verricht* vanuit jullie midden weggenomen zal worden?
3 Want ik ben inderdaad afwezig in het lichaam, maar een aanwezige in de geest. Als ware ik aanwezig, ik heb hem reeds geoordeeld die zo dit bewerkt, Want hoewel ik met het vlees van u ben, nochtans ben ik met den geest bij u, mij verblijdende en ziende uw ordening, en de vastigheid van uw geloof in Christus. (SV)[Kol. 2:5]
4 in de naam van onze °Heer JezusJAH redt Christus Gezalfde - jullie en mijn °geest verzameld wordend, samen met de macht van onze °Heer JezusJAH redt -
5 de zulke over te leveren* aan de SatanTegenstander tot uitroeiing van het vlees, opdat de geest gered zal worden in de dag van de Heer JezusJAH redt. Onder welken is Hymeneus en Alexander, die ik den satan overgegeven heb, opdat zij zouden leren niet meer te lasteren. (SV)[1Tim. 1:20] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

5

Men zal opmerken dat de straf, het overgegeven worden aan SatanTegenstander, was met het oog op redding. Zo zijn al Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikkers rechterlijke daden. Ze zijn niet wrekend, zonder enige overweging van het welzijn van de betrokkene, maar ze zijn van dien aard dat ze het kwaad corrigeren.


6 Jullie °roem is niet ideaal. Hebben jullie niet waargenomen dat een klein beetje zuurdeeg geheel het kneedsel doorzuurt? Een weinig zuurdesem verzuurt het gehele deeg. (SV)[Gal. 5:9]
7 Zuiver*m dan het oude zuurdeeg uit, opdat jullie jong kneedsel zullen zijn, zoals jullie ongezuurden zijn! Want ons °Pascha, ChristusGezalfde, werd ook ten behoeve van ons geslacht*, Zeven dagen zullen ongezuurde broden gegeten worden, en het gedesemde zal bij u niet gezien worden, ja, er zal geen zuurdeeg bij u gezien worden, in al uw palen (SV)[Ex. 13:7] - Mozes dan riep al de oudsten van IsraŽl, en zeide tot hen: Leest uit, en neemt u lammeren voor uw huisgezinnen, en slacht het pascha. (SV)[Ex. 12:21]
8 zodat wij feest zullen vieren, niet in oud zuurdeeg, ook niet in zuurdeeg van kwaadaardigheid en van boosaardigheid, maar in ongezuurde broden van oprechtheid en van waarheid. Gij zult niets gedesemds op hetzelve eten; zeven dagen zult gij ongezuurde broden op hetzelve eten, een brood der ellende, (want in der haast zijt gij uit Egypteland uitgetogen); opdat gij gedenkt aan den dag van uw uittrekken uit Egypteland, al de dagen uws levens. (SV)[Deut. 16:3]
9 Ik schrijf* aan jullie in de brief geen omgang te hebben met ontuchtige mannen, En indien hij denzelven geen gehoor geeft; zo zeg het der gemeente; en indien hij ook der gemeente geen gehoor geeft, zo zij hij u als de heiden en de tollenaar. (SV)[Matt. 18:17] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

9

De apostel had al over dit onderwerp aan de KorintiŽrs geschreven. De toestand van de maatschappij kan heel goed ingedacht worden wanneer hij hen vertelt dat, zouden zij weigeren omgang te hebben met al zulke immorele personen, zij de wereld geheel zouden moeten verlaten. Nu maakt hij echter duidelijk dat immoraliteit niet getolereerd mag worden onder hen in de ekklesia. Al dezen dienen uitgesloten te worden. Zij zijn onderhevig aan het oordeel van hun broeders. Immoraliteit buiten de ekklesia is niet een zaak voor de heiligen. Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker oordeelt hen die buitenstaanders zijn.


10 en geheel en al niet met de ontuchtige mannen van deze °wereld, of met de hebzuchtigen en roofzuchtigen of afgodendienaars, want anders waren jullie dus verschuldigd vanuit de wereld uit te komen.
11 Maar nu schrijf* ik jullie geen omgang te hebben met iemand die, in het geval dat hij broeder genoemd wordt, een ontuchtige man of hebzuchtige of afgodendienaar of schelder of dronkaard of roofzuchtige zal zijn, met de zulke zelfs niet samen te eten. En wij bevelen u, broeders, in den Naam van onzen Heere Jezus Christus, dat gij u onttrekt van een iegelijk broeder, die ongeregeld wandelt, en niet naar de inzetting, die hij van ons ontvangen heeft. (SV)[2Thess. 3:6]
12 Want wat is het aan mij die buiten zijn te oordelen? Jullie oordelen niet die binnen zijn!
13 Maar °Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker oordeelt die buiten zijn. Doe*m de boosaardige vanuit julliezelf weg. En hij moet ook een goede getuigenis hebben van degenen, die buiten zijn, opdat hij niet valle in smaadheid, en in den strik des duivels. (SV)[1Tim. 3:7] - De hand der getuigen zal eerst tegen hem zijn, om hem te doden, en daarna de hand des gansen volks; zo zult gij het boze uit het midden van u wegdoen. ... 12 De man nu, die trotselijk handelen zal, dat hij niet hore naar den priester, dewelke staat, om aldaar den HEERE, uw God, te dienen, of naar den rechter, dezelve man zal sterven; en gij zult het boze uit IsraŽl wegdoen. (SV)[Deut. 17:7,12] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

13

Er is een opvallend contrast tussen de methoden van handelen met moreel kwaad en leerstellige ketterij. Er waren in Korinteverzadigd mensen die vasthielden aan fundamentele fouten, want zij ontkenden de opstanding. De apostel redeneert met hen en laat hen de gevolgen zien als hun ketterij waar zou zijn, maar hij stelt nooit hun uitsluiting voor. Maar wanneer het gedrag van een broeder zodanig wordt dat hij minachting brengt over de heilige broederschap van gelovigen, dan moest hij snel buitengesloten worden. Dit was de zekerste weg om hem tot bekering te brengen. Door hem terug te zenden naar de wereld, werd hij zich bewust van zijn verkeerde gedrag.






Terug naar de index.
Naar 1 Korinte 6
   


© www.schriftwoord.nl
U mag deze tekst voor eigen gebruik en studie-doeleinden zonder toestemming vermenigvuldigen.
Citeren van deze tekst mag alleen met bronvermelding.
Vermenigvuldiging voor commercieel gebruik alleen met toestemming van de uitgever.