De eerste brief van Paulus aan de Korintiërs
1 Korinte
Hoofdstuk 9

Dit is een eigen SchriftWoord vertaling.

   
(Ga met de muis op een groene naam staan, dan ziet u de betekenis.
Ga met de muis op een tekstverwijzing staan, dan ziet u de tekst.
Klik op "Commentaar" en u krijgt een stukje tekst dat slaat op dit vers)


1 Ben ik niet vrij? Ben ik geen afgevaardigde? Heb ik niet JezusJAH redt, onze °Heer, gezien? Zijn jullie niet mijn °werk in de Heer? 3 En bij het gaan kwam* hij naderend tot °Damascus. Plotseling flitst* rondom hem licht uit de hemel. 4 En vallend op de aarde hoort* hij een stem, tot hem zeggend: "Saul, Saul, waarom vervolg jij Mij?" 5 Hij nu zei: "Wie bent U, Heer?" Deze nu zei: "Ik ben Jezus, Die jij vervolgt. 6 Maar sta op en kom binnen tot in de stad en het zal tot jou gesproken worden, iets wat voor jou bindend is te doen." 7 De mannen echter, die samen met hem op weg zijn, stonden sprakeloos, inderdaad het geluid horend, maar niemand aanschouwend. (SW)[Hand. 9:3-7] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

1

De Korintiėrs stelden vragen bij het apostelschap van Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine. De zinsnede, "de twaalf apostelen" is wel gebruikt om schaduw te werpen op zijn opdracht, want als er maar twaalf apostelen zouden zijn, dan kan Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine niet een van hen zijn geweest. Hij had niet de vereisten en Matthiasgeschenk van Jah' was naar behoren gekozen om Judaslof (Griekse vorm van Juda) plaats in te nemen. Alleen iemand die met de Heer was geweest vanaf JohannesJAH is genadig doop tot aan Zijn hemelvaart, was gekwalificeerd om tot een van de twaalf gerekend te worden (Hand. 1:22). Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine ontmoette de Heer pas een paar jaren later. De koninkrijkapostelen waren beperkt tot twaalf, want er zullen slechts twaalf tronen zijn wanneer zij heersen over de stammen van Israėlstrijder van God in het koninkrijk (Matt. 19:28). Het is duidelijk dat Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine en Barnabaszoon van vertroosting en Timotheüsgodsvereerder en Apollosbehorend bij Apollo in dat koninkrijk geen apostolische beloning zullen hebben. Hun apostelschap is van een totaal andere orde. Het evangeliegoede bericht van de Onbesnedenheid was toevertrouwd aan Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine, net zoals dat van de Besnijdenis was gegeven aan Petrusrots. Jakobushielenlichter, Cefas en JohannesJAH is genadig, de belangrijksten van de twaalf apostelen, erkenden dit en gaven Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine en Barnabaszoon van vertroosting de rechterhand van gemeenschap, dat zij naar de naties zouden gaan. De twaalf beperkten zich tot de Besnijdenis. Zo zijn er twee onderscheiden ordes van apostelen: de twaalf van de Besnijdenis, verbonden met het koninkrijk op aarde, en een oneindig aantal, van wie Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine de leider was, gezonden naar de naties en verbonden met de opeenvolgende bedieningen van de apostel Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine. Hoewel de Korintiėrs zijn apostolisch gezag niet erkenden, was hij geen seconde achter Petrusrots, de leider van de Besnijdenisapostelen.


2 Indien ik voor anderen geen afgevaardigde ben, maar zeker ben ik het voor jullie. Want jullie zijn mijn zegel van mijn °afvaardiging in de Heer. 2 Jullie zijn onze °brief, die is ingeschreven in onze °harten, gekend wordend en gelezen wordend onder alle mensen, 3 openbaar gemaakt wordend dat jullie een brief van Christus zijn, door ons bediend wordend, en niet ingeschreven zijnde met inkt, maar met geest van de levende God, niet in platen van steen, maar in platen van vlezen harten. (SW)[2Kor. 3:2,3]
3 Mijn °verdediging tot degenen die mij beoordelen is dit: [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

3

Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine had het onbetwijfelde recht te doen zoals de andere apostelen, maar hij verkoos het hogere voorrecht van alles wat in zijn macht is doen om het evangeliegoede bericht te helpen. Hij werkte met zijn eigen handen om te voorzien in zijn behoeften, terwijl hij ondersteuning had kunnen opeisen.


4 Hebben wij geen autoriteit om te eten en te drinken?
5 Hebben wij geen autoriteit om een zuster als vrouw rond te leiden, zoals ook de overige afgevaardigden en de broeders van de Heer en Kefas= Petrus - rots? 43 De volgende morgen wil Hij uitkomen tot in °Galilea en Hij vindt Filippus. En °Jezus zegt tot hem: "Volg Mij!" (SW)[Joh. 1:43]
6 Of hebben alleen ik en Barnabaszoon van vertroosting niet de autoriteit om niet te werken?
7 Wie voert ooit oorlog op eigen rantsoenen? Wie plant een wijngaard en eet niet vanuit de vrucht van deze? Of wie hoedt een kudde en eet niet vanuit de melk van de kudde?
8 Ik spreek deze dingen niet overeenkomstig de mens. Of zegt ook de wet niet deze dingen? [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

8

Het is Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikkers genoegen dat Zijn dienaren die geestelijke dingen dienen, beloond zouden worden met vleselijke dingen. In de huidige lage toestand van geestelijkheid, worden geestelijke zaken als van geen waarde geacht, terwijl materiėle zaken hoog in aanzien staan. Het verkrijgen van een som geld zonder schadeloosstelling is een misdaad, maar velen ontvangen enorme geestelijke weelde zonder enige vorm van verplichting.


9 Want in de wet van Mozesdoen vergeten, getrokken, uit het water halen is het geschreven: jij zal een dorsend rund niet muilbanden. Deert °Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker de runderen niet? 4 Jij zal een stier bij zijn dorsen niet muilbanden. (SW)[Deut. 25:4]
10 Of zegt Hij dit in elk geval vanwege ons? Vanwege ons! Want het werd geschreven*: die ploegt is verschuldigd te ploegen op hoop en die dorst in hoop behoort deel te hebben aan die hoop.
11 Indien wij voor jullie de geestelijke dingen zaaien*, is het dan iets groots indien wij van jullie de vleselijke dingen zullen oogsten? 27 Want zij hebben* een welbehagen en zijn schuldenaars van hen, want indien de natiėn deelnemen* aan hun °geestelijke dingen, zijn zij verschuldigd ook in de vleselijke dingen aan hen dienst te verrichten*. (SW)[Rom. 15:27]
12 Indien anderen deelhebben aan jullie °autoriteit, hebben wij dat niet veel meer? Maar wij gebruiken* deze °autoriteit niet, maar alles houden wij uit, opdat wij niet enige hinder zullen geven aan het evangeliegoede bericht van de ChristusGezalfde. 34 Jullie weten zelf dat in mijn °behoeften, en van die met mij zijn, deze °handen mij assisteren*. 35 Alles geef* ik aan jullie te kennen, dat, zo zwoegend, het bindend is de zwak zijnde te ondersteunen, zich bovendien de woorden van de Heer Jezus te herinneren, die Hij Zelf zei: "Het is veeleer gelukkig te geven* dan in ontvangst te nemen." (SW)[Hand. 20:34,35]
13 Hebben jullie niet waargenomen dat die de gewijde dingen werken, eten van de dingen vanuit de gewijde plaats? Degenen die voortdurend bij het altaar verkeren ontvangen samen een deel van het altaar. 16 En van het resterende eten Aäron en zijn zonen. Ongezuurd wordt het gegeten in een heilige plaats. In de hof van de tent van de afspraak eten zij het. ... 26 De priester die het zondeoffer maakt zal het eten. In een heilige plaats zal het gegeten worden, in de hof van de tent van de afspraak.(SW);">[Lev. 6:16,26] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

13

Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker heeft altijd passend voorzien in de ondersteuning van Zijn dienaren. De priesters en Leviaanhanger, aanhankelijketen hielden zich niet bezig met hun eigen onderhoud, en hadden daarom geen lotdeel land om te bewerken, maar waren afhankelijk van het werk van hun broeders. Ze waren helemaal toegewijd aan de dienst van Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker. Dezelfde regel is toepasbaar op de verkondiging van het evangeliegoede bericht.


14 Zo ook schrijft* de Heer voor aan die het evangeliegoede bericht aankondigen vanuit het evangeliegoede bericht te leven. 10 toch geen reiszak voor onderweg, noch twee onderklederen, noch schoeisels, noch staf, want de werker is zijn °voedsel waardig. (SW)[Matt. 10:10]
15 Maar ik gebruik* niets van deze dingen. Maar ik schrijf* deze dingen niet opdat het zo in mij zal worden, want voor mij is het ideaal veeleer te sterven dan dat iemand mijn °roem leeg zal maken. [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

15

Het schijnt een wonder dat de heiligen, die zoveel te danken hadden aan de apostel, hem zouden toestaan dat hij zich bezig hield met dienend werk, terwijl zij gemakkelijk in zijn minimale behoeften hadden kunnen voorzien. Toch lag daarin zijn heerlijkheid, dat, ook al onderhield hij zichzelf, tenminste gedeeltelijk, hij nog steeds tijd en kracht vond om meer te doen dan enig ander apostel. De natuurlijke loop zou zijn geweest ten volle gebruik te maken van zijn gezag, zodat hij zich helemaal kon overgeven aan het werk van de bediening. De kenmerken van ware grootheid worden duidelijk in zijn bezorgdheid niet zijn volle gezag te gebruiken, maar alles te doen dat op de een of andere wijze voordeel kon brengen aan het evangeliegoede bericht. Zo’n loop als deze zou des te meer effectief behoren te zijn in deze dagen, waarin de vlek van vuil gewin een prominent merkteken is op vele religieuze ondernemingen. De wereld heeft geleerd naar de religie te kijken als een middel om winst te maken. De geschiedenis van de kerk is een lang streven geweest van de kant van de geestelijkheid (met vele nobele uitzonderingen), om zich te verrijken ten koste van de leken. Had Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine’ geest de bovenhand gehad, dan zou er een heel ander verhaal te vertellen zijn!


16 Want in het geval dat ik zal evangeliseren is het voor mij geen roem, want op mij ligt een noodzaak. Want het is mij een wee in het geval dat ik het evangelie niet zal brengen! 9 En ik zeg: Ik zal Hem niet gedenken en ik zal niet meer spreken in Zijn Naam. En het wordt in mijn hart als een verterend vuur, beteugeld in mijn botten. Ik ben vermoeid van bevatten, maar ik kan het niet. (SW)[Jer. 20:9]
17 Want indien ik dit vrijwillig verricht heb ik loon, maar indien onvrijwillig? Mij is beheer toevertrouwd! 1 Laat een mens ons zo rekenen, als assistenten van Christus en beheerders van geheimen van God. (SW)[1Kor. 4:1]
18 Wat dan is mijn °loon? Dat ik, het evangelie brengend, het evangeliegoede bericht kosteloos zou plaatsen, niet ten volle gebruik* makend van mijn °autoriteit in het evangeliegoede bericht.
19 Want vrij zijnde tegenovereig. vanuit allen, maak* ik mijzelf tot slaaf voor allen, opdat ik °meerderen zou winnen. [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

19

Vele anders onverklaarbare gebeurtenissen in Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine’ loopbaan, zoals verteld in het boek Handelingen, moeten uitgelegd worden via het principe van gedrag dat die door de apostel wordt neergelegd. Zijn koers schijnt vaak de waarheid tegen te spreken die hij verkondigde in de brieven die hij had geschreven. Hoe krachtig hij ook stond op het vrij zijn van de wet, toch kon hij, ondanks dat, als hij onder zijn Joodse broeders was, deelnemen aan de rituelen en ceremonieėn van de tempel. Het hele verhaal van Handelingen geeft hem weer als alle dingen wordend met hen met wie hij in contact kwam. Op zijn reizen, in Jeruzalemstad van (de god) Salem - vredestichter, in de gevangenis, aan boord van het zinkende schip, waar hij ook was paste hij zich aan aan de mensen en middelen die hem ten dienste stonden om de claims van het evangeliegoede bericht naar voren te brengen. Hetzelfde principe zou onze inspanningen moeten reguleren, opdat ook wij enigen mogen winnen.


20 En ik werd* voor de Joden als Jood, opdat ik Joden zou winnen; voor degenen onder wet als onder wet (niet zelf onder wet zijnde), opdat ik die onder wet zijn zou winnen.
21 Voor degenen zonder wet als zonder wet, (niet zonder wet van Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker zijnde, maar wettig van ChristusGezalfde), opdat ik degenen zonder wet zou winnen.
22 Ik werd* zwak voor de zwakken, opdat ik de zwakken zou winnen. Voor °allen ben ik alles geworden, opdat ik in elk geval enigen zou redden. opdat ik mogelijk die van mijn °vlees zijn tot jaloezie zou opwekken* en ik enkelen uit hen zou redden (SW)[Rom. 11:14]
23 Maar alles doe ik vanwege het evangeliegoede bericht, opdat ik er mede-deelgenoot van zal worden.
24 Hebben jullie niet waargenomen dat die in het stadion rennen, allen inderdaad rennen, maar één de trofee in ontvangst neemt? Renm zo dat jullie zullen grijpen! Maar één ding - inderdaad de dingen achter mij liggende vergetend, maar mij helemaal uitstrekkend naar de dingen van voren - 14 jaag ik na, overeenkomstig het doel, tot de trofee van de omhoog roeping van °God in Christus Jezus. (SW)[Filip. 3:13,14]
25 Elke nu die °strijdt beheerst zich in alle dingen, zij dan opdat zij inderdaad een vergankelijke lauwerkrans in ontvangst zullen nemen, maar wij een onvergankelijke. 4 Niemand die oorlog voert wordt verwikkeld in de bezigheden van het levensonderhoud, opdat hij die rekruteert* zou behagen. 5 En in het geval dat iemand ook in een wedstrijd zal strijden, hij wordt niet gelauwerkranst in het geval dat hij niet op wettige wijze in de wedstrijd zou strijden. (SW)[2Tim. 2:4,5] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

25

Deelnemers aan de Griekse spelen moesten een eed afleggen dat zij tien maanden in training waren geweest en dat zij geen van de regels zouden overtreden. Ze leefden op een voorgeschreven dieet en beoefenden zware zelfbeheersing. De krans of "kroon" was gemaakt van de bladeren van de grove den. Hele bossen van deze bomen omringden het stadion nabij Korinteverzadigd. In andere steden werden andere bladeren gebruikt. Een tijdlang werd de grove den vervangen door peterselie, maar het schijnt dat men in de tijd van de apostel de grove den gebruikte.

Om verwarring te vermijden: deze kransjes met het symbool van koninklijk gezag worden in deze vertaling nooit "kroon" genoemd.


26 Ik nu ren dan zo: niet als op onduidelijke wijze; zo boks ik, niet als lucht ranselend. [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

26

Het onderwerp dat de apostel voor ogen staat is niet redding, maar dienstbetoon en beloning. De apostel maakt zich geen zorgen dat hij een verworpene zal zijn, maar of hij de prijs zal winnen. Twee dingen zijn noodzakelijk: zelfbeheersing en gehoorzaamheid aan de regels van de wedstrijd. Beide zijn essentieel om een krans te winnen. In deze dagen, waarin "succes" gemeten wordt door menselijke standaarden, is het van groot belang het feit te benadrukken dat een overtreding van de regels de deelnemer absoluut uitsluit van alle hoop op een prijs. Dienstbetoon ten koste van waarheid of geweten, om levensonderhoud te winnen of populariteit, hoe energiek ook, wint geen prijs. Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker kijkt naar het motief en methode, niet naar de kennelijke resultaten. Mogen wij allen zo streven dat Hij in staat zal zijn aan ons de amarante krans toe te wijzen!
[amarant is een rode kleur]


27 Maar ik geef mijn °lichaam er van langs en leid het in slavernij, opdat ik op de een of andere manier aan anderen proclamerend, niet zelf ondeugdelijk zal worden. want indien jullie leven naar het vlees, zullen jullie sterven, maar indien jullie door de geest de werkingen van het lichaam doden, zullen jullie leven. (SW)[Rom. 8:13]




Terug naar de index.
Naar 1 Korinte 10
   


© www.schriftwoord.nl
U mag deze tekst voor eigen gebruik en studie-doeleinden zonder toestemming vermenigvuldigen.
Citeren van deze tekst mag alleen met bronvermelding.
Vermenigvuldiging voor commercieel gebruik alleen met toestemming van de uitgever.