Dit is een eigen SchriftWoord vertaling van
De eerste brief van Paulus aan Timoteüs
1 Timoteüs
Hoofdstuk 5

   
(Ga met de muis op een groene naam staan, dan ziet u de betekenis.
Ga met de muis op een tekstverwijzing staan, dan ziet u de tekst.
Klik op "Commentaar" en u krijgt een stukje tekst dat slaat op dit vers)


1 Jij zou niet uitvaren tegen een oudere man, maar roep hem op als vader, jongere mannen als broeders, 32 Voor een gezicht van een grijsharige zal jij opstaan en jij eert het gezicht van een oude. En jij vreest voor jouw Elohim. Ik ben JAHWEH. (SW)[Lev. 19:32] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

1

Veel liefde en overweging zouden de daden moeten kenmerken van iemand die, net als Timotheüsgodsvereerder, tijdelijk de leiding heeft over een ekklesia. Dit is in het bijzonder toepasbaar in verband met de oudsten, van wie sommige, bij zijn afwezigheid, de zaken er van leiden. Weduwen brachten een speciaal probleem, en zij waren onder bepaalde omstandigheden de wakers over de ekklesia. Jonge weduwen of zij die recht hebben bij verwanten, moesten niet afhankelijk worden van de ekklesia. De jonge mannen wordt opgedragen te trouwen; zij die kinderen hebben worden geacht door hen onderhouden te worden.


2 oudere vrouwen als moeders, jongere vrouwen als zusters, in alle zuiverheid.
3 Eer weduwen die werkelijk weduwen zijn. [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

3-16

Er wordt verondersteld dat er een lijst van kerkweduwen werd bijgehouden, die mogelijk alle weduwen van zestig jaren en ouder bevatte, of die nu zelf in hun onderhoud voorzagen of niet. Zij die op deze lijst werden geschreven ondernamen bepaalde taken en beloofden zichzelf aan het werk te geven. De jongere weduwen moesten op deze lijst niet bijgeschreven worden, anders zouden niet aan hun belofte toe komen en het geloof verbreken" (:13). Ze zouden ongeduldig worden en zo onder oordeel komen. Omdat de hele passage naar weduwen verwijst, wordt dit in vers 14 voorzien, na "jonge".


4 Maar indien enige weduwe kinderen of nakomelingen heeft, laat hen leren eerst het eigen huis eerbiedig te bejegen en wederdienst terug te geven* aan de voorouders, want dit is welkom in het zicht van °Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker.
5 De werkelijke weduwe en alleenstaande echter heeft haar hoop gevestigd op Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker en blijft bij de smeekbeden en de gebeden, nacht en dag. 11 Verlaat jouw wezen. Ik, Ik zal hen in het leven behouden en jouw weduwen zullen op Mij vertrouwen. (SW)[Jer. 49:11] - 37 en zij is weduwe tot haar vierentachtigste jaar, die niet afstand neemt* vanaf de gewijde plaats, met vasten en met smeekbeden dag en nacht dienend. (SW)[Luc. 2:37] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

5

De weduwen schijnen een bijzondere opdracht te zijn geweest, ook in de Pinkstertijd (Hand. 6:1).


6 Maar die een verkwistend leven leidt, is, hoewel levend, gestorven.
7 Geef ook aangaande deze dingen opdracht, opdat zij onbesproken zullen zijn.
8 Maar indien iemand voor de eigen mensen, en vooral van de huisgenoten, geen voorzieningen treft, dan heeft hij het geloof geloochend en is erger dan een ongelovige.
9 Laat geen weduwe van minder dan zestig jaren op een lijst geplaatst worden, die vrouw geweest is van één man,
10 in ideale werken getuigenis gegeven wordend: indien zij kinderen grootbrengt*, indien zij gastvrij is*, indien zij de voeten van heiligen wast*, indien zij van die verdrukt worden de last verlicht*, indien zij er op volgt* in elk goed werk. 2 Vergeet de gastvrijheid niet! Want door deze waren sommigen onopgemerkt logies verlenend aan boodschappers (SW)[Hebr. 13:2] - 14 Indien dan Ik, de Heer en de Leraar, jullie °voeten was*, zijn jullie ook verschuldigd van elkaar de voeten te wassen. (SW)[Joh. 13:14]
11 Maar weiger jongere weduwen, want wanneer ook maar zij zich ongedurig zouden keren tegen °ChristusGezalfde, willen zij trouwen,
12 oordeel hebbend, omdat zij het eerste geloof afwijzen*.
13 Maar tegelijkertijd leren zij ook, werkeloos de woonhuizen rondzwervend, en niet alleen werkeloos, maar ook roddelend en overbodig bezig de dingen sprekend die niet bindend zijn. 15 Want laat niemand van jullie lijden als moordenaar of dief of kwaaddoener of als bemoeial, (SW)[1Petr. 4:15]
14 Ik besluit dan dat jongere vrouwen trouwen, kinderen voortbrengen, het huishouden besturen, geen enkel aangrijpingspunt gevend aan de tegenstrever terwille van een scheldwoord, Maar indien zij zich niet kunnen controleren, laten zij trouwen*! Want het is beter te trouwen* dan te branden. (SW)[1Kor. 7:9]
15 want sommigen werden reeds terzijde gekeerd*, de SatanTegenstander achterna.
16 Indien enige gelovige vrouw weduwen bij zich heeft, laat haar aan hen de lasten verlichten, en laat niet de ekklesia bezwaard worden, opdat deze aan de werkelijke weduwen de lasten zou verlichten.
17 De oudsten, op ideale wijze vooraan gestaan hebbend, laat hen dubbele eer waardig geacht worden, vooral die zwoegen in het woord en in onderwijzing. Erkent dan de zulken! (SW)[1Kor. 16:18b] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

17

De hoogste plaats in een ekklesia schijnt toegewezen te zijn aan een oudste die het tot zijn taak maakt te onderwijzen. Ja, de passages die geciteerd zijn schijnen aan te duiden dat zo iemand ondersteuning zou ontvangen. In het oosten werd graan gedorst door er koeien overheen te drijven om zo het graan van de aar los te maken. Het was een wet (Deut. 25.4) dat zulke dieren niet gemuilkorfd zouden zijn, maar dat hen werd toegestaan zo veel te eten als ze nodig vonden. De apostel eist dit voorrecht op voor allen die het woord bedienen (1Kor. 9:9). De Heer heeft voorgeschreven dat zij die het evangeliegoede bericht verkondigen van het evangeliegoede bericht zouden leven (1Kor. 9:14). De Heer Zelf zei tot de zeventig die Hij uitzond: "de werker is zijn loon waard." (Luk. 10:7).


18 Want het Geschrift zegt: "Een dorsend rund zal je niet muilbanden en de werker is zijn °loon waardig." 4 Jij zal een stier bij zijn dorsen niet muilbanden. (SW)[Deut. 25:4] - 10 toch geen reiszak voor onderweg, noch twee onderklederen, noch schoeisels, noch staf, want de werker is zijn °voedsel waardig. (SW)[Matt. 10:10]
19 Neem tegen een oudste geen beschuldiging aan, indien er niet twee of drie getuigen zijn. 6 Op de mond van twee getuigen of drie getuigen zal de ter dood gebracht wordende ter dood gebracht worden. Hij zal niet ter dood gebracht worden op de mond van één getuige. (SW)[Deut. 17:6] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

19

Tenzij er afdoende bewijs wordt voortgebracht om zijn schuld aan te tonen, moet er geen aanklacht tegen een oudste overwegen worden. Een enkele getuige kan zich vergissen of bevooroordeeld zijn; hij moet bevestigd worden door een of meer anderen. Wanneer echter de schuld van een oudste duidelijk wordt vastgesteld, dan moet zijn zonde openbaar gemaakt worden. Zo’n straf zal anderen er van weerhouden soortgelijke overtredingen te begaan.


20 Ontmasker, in het zicht van allen, die zondigen, opdat ook de overigen vrees zullen hebben. maar toen ik waarnam* dat zij niet correct zijn in hun houding naar de waarheid van het evangelie, zei* ik, in aanwezigheid van allen, tegen Cefas: Indien jij, Jood, leeft zoals de naties en niet joods, hoe dwing jij dan de naties zich joods te gedragen? (SW)[Gal. 2:14]
21 Ik betuig in het zicht van °Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker en van ChristusGezalfde JezusJAH redt en van de uitgekozen boodschappers, opdat jij deze dingen zou onderhouden, los van vooroordeel, niets doende overeenkomstig vooringenomenheid. [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

21

Vooringenomenheid en partijschap zouden geen plaats moeten hebben bij de gerechtelijke daden van een ekklesia. Natuurlijke neiging zou ter zijde gelegd moeten worden en alles zou gedaan moeten worden voor de ogen van de Onzichtbare.


22 Leg niemand haastig de handen op, neem ook niet deel aan andermans zonden; bewaar jezelf zuiver. 6 vanwege welke reden ik jou doe terugdenken de genadegave van °God aan te wakkeren die in jou is door de oplegging van mijn °handen. (SW)[2Tim. 1:6] - 11 Want die tot hem zegt zich te verheugen, neemt deel aan zijn °boosaardige werken. (SW)[2Joh. 11] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

22

Het opleggen van handen voor het uitdelen van een genade (2Tim. 1:6) moest weloverwogen, zonder haast, gedaan worden, zodat alleen zij die de gift zouden eren deze zouden ontvangen.


23 Drink niet meer water, maar gebruik een weinig wijn vanwege de maag en jouw regelmatige °zwakheden. [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

23

Op dit kruispunt van de bediening van de apostel beginnen we de neergaande lijn van lichamelijke zegeningen op te merken. Zijn eigen doorn in het vlees werd niet verwijderd (2Kor. 12:7), Timotheüsgodsvereerder, zijn meest trouwe en geliefde vriend, wordt verdrukt door veelvoudige zwakheden. Maar in plaats van hem te genezen of zo’n koers aan te raden, beveelt hij een geneeswijze aan.

Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine’ bediening werd verdeeld in vier perioden die gescheiden werden door drie crises. De eerste crisis gebeurde in Antiochiëstad van Antiochus - nu Antakya, toen hij van de anderen werd afgescheiden (Hand. 13.2). De tweede crisis vond plaats terwijl Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine in Efezetoegestaan was en wordt ons voor ogen gebracht door de woorden: "Toen nu deze dingen vervuld waren" (Hand, 19:21). De derde was in Romekracht, toen de Joden uiteindelijk het koninkrijk weigerden (Hand. 28:28). We hebben al gevonden dat deze brief werd geschreven tijdens de tweede, centrale crisis in zijn loopbaan. Toen was het dat hij niet langer iemand naar het vlees kende. Behalve in het dralende getuigenis van het koninkrijk verdwenen alle lichamelijke zegeningen. Ware dat niet zo, dan zou hij zeker Timotheüsgodsvereerder en Epafroditusvriendelijk genezen hebben (Filip. 2:26). Wanneer eenmaal de voortgang van Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine’ bedieningen is herkend, van heerlijkheid naar heerlijkheid (2Kor. 3:18), weg van het aardse en lichamelijke naar het hemelse en geestelijke, zullen genezing en andere gaven gezien worden als deel van die dingen die behoren bij de onvolwassenheid.


24 Van sommige mensen zijn de zonden zo overduidelijk, dat ze hen vooruitgaan in de beoordeling, en bij sommigen ook volgen ze er op.
25 Op dezelfde wijze zijn ook de ideale werken overduidelijk en die de dingen op andere wijze hebben kunnen niet verborgen* worden.

Terug naar de index.
Naar 1 Timoteüs 6
   


© www.schriftwoord.nl
U mag deze tekst voor eigen gebruik en studie-doeleinden zonder toestemming vermenigvuldigen.
Citeren van deze tekst mag alleen met bronvermelding.
Vermenigvuldiging voor commercieel gebruik alleen met toestemming van de uitgever.