Dit is een eigen SchriftWoord vertaling van
Handelingen
Hoofdstuk 2

   
(Ga met de muis op een groene naam staan, dan ziet u de betekenis.
Ga met de muis op een tekstverwijzing staan, dan ziet u de tekst.
Klik op "Commentaar" en u krijgt een stukje tekst dat slaat op dit vers)


1 En in het helemaal vervuld worden van de dag van de VijftigsteShavuot - Pinksteren waren zij allen tezamen op dezelfde plaats. 15 En jullie nummeren voor jullie vanaf de volgende dag na de sabbat, vanaf de dag dat jullie de schoof brengen van het wuifoffer, zeven sabbatten. Zij zullen onberispelijken zijn. 16 Tot de ochtend na de zevende sabbat nummeren jullie vijftig dagen; dan brengen jullie een nieuw erkenningsoffer aan JAHWEH. 17 Uit jullie woningen brengen jullie brood van het wuifoffer; twee broden van twee tiende delen fijn meel zullen zij zijn. Zij zullen met zuurdesem gebakken worden als eerste vruchten voor JAHWEH. 18 En jullie brengen met het brood zeven mannelijke lammeren, onberispelijken, zonen van een jaar, en een jonge stier, zoon van het grootvee, en twee rammen. Zij zijn een opstijgoffer aan JAHWEH en hun erkenningsoffer en hun drankoffers, een vuuroffer met een geur van rustgevendheid aan JAHWEH. 19 En jullie maken ťťn harige geit klaar als zondeoffer en twee mannelijke lammeren, zonen van een jaar, tot slachtoffer van vredeoffers. 20 En de priester wuift ze op het brood van de eerste vruchten, een wuifoffer voor het aangezicht van JAHWEH, met de twee mannelijke lammeren. Zij zijn heiligheid voor JAHWEH, voor de priester. 21 En jullie roepen in diezelfde dag een bijeenkomst uit. Hij zal voor jullie heiligheid zijn. Jullie zullen geen enkel werk van dienstbaarheid doen. Het is een aionisch statuut in al jullie woningen voor jullie generaties. (SW)[Lev. 23:15-21] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

1

Pinksteren is het Nederlandse woord voor het Griekse "pentecoste", "vijftigste", omdat het vijftig dagen na Paschahet feest ter herinnering aan de uittocht uit Egypte was. Er waren in IsraŽlstrijder van God elk jaar drie feesten (Exo. 23.14). Het eerste was het feest van de Ongezuurde Broden, na Paschahet feest ter herinnering aan de uittocht uit Egypte. Het tweede, het oogstfeest of eerstelingen (dat hier Pinksteren wordt genoemd omdat het zeven weken na het Paschahet feest ter herinnering aan de uittocht uit Egypte werd gevierd) en het feest van de Inzameling. Zoals het laatste een type is van de tijd waarin heel IsraŽlstrijder van God gered zal worden, zo is Pinksteren een beeld van de redding van de eerstelingen van de naties. Dit is wat gebeurde, zowel op de Pinksterdag als tijdens de hele periode die door dit boek wordt beschreven.


2 En ineens kwam* vanuit de hemel een weergalming, net zoals van een geweldig gebracht wordende luchtstroom, en het vult* geheel het huis waar zij gezeten waren. En bij hun smeken werd de plaats waarin zij verzameld waren geschud*, en zij werden allen vervuld* van de heilige geest en zij spraken het woord van įGod met vrijmoedigheid.(SW)[Hand. 4:31] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

2

Dit is niet de ontvangst van de geest door de apostelen, want zij hadden die al ontvangen (Joh. 20:22). Dit is het "komen op" van kracht die de Heer een paar dagen eerder had beloofd (1:8). De doop met de geest werd gegeven ter reiniging (niet kracht) en de vulling voor het spreken.


3 En aan hen werden verdeeld wordende tongen als van vuur gezien*, en het gaat zitten* op een ieder van hen. Ik doop jullie inderdaad in water, tot in bezinning, maar Die na mij komt, is sterker dan ik, Wiens sandalen ik niet bevoegd ben te dragen*. Hij zal jullie dopen in heilige geest en vuur,(SW)[Matt. 3:11]
4 En zij worden allen vervuld* van heilige geest en zij beginnen* te spreken in andere talen, zoals de geest aan hen gaf te verwoorden. 15 want hij zal groot zijn in het zicht van de Heer, en wijn en sterke drank zal hij nooit drinken*. En hij zal vervuld worden van heilige geest, nog vanuit de buikholte van zijn moeder. ... 41 En het gebeurt* als įElizabeth de groet van įMaria hoort*, dat de baby huppelt* in haar įbuikholte en įElizabeth vervuld* wordt van heilige geest. ... 67 En Zacharias, zijn įvader, wordt vervuld* met heilige geest en profeteert*, zeggend:(SW)[Luc. 1:15,41,67] - Tekenen nu aan degene die geloven* zullen terzijde volgen. In Mijn įnaam zullen zij demonen uitwerpen. Zij zullen in nieuwe talen spreken.(SW)[Marc. 16:17] - En bij het op hen opleggen* van Paulus' handen kwam* de heilige įgeest op hen. En zij spraken bovendien in talen en zij profeteerden.(SW)[Hand. 19:6]
5 Nu waren in Jeruzalemstad van (de god) Salem - vredestichter Joden wonend, toegewijde mannen vanaf elke °natie onder de hemel. [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

5

Tot op deze dag is het de hoop geweest van de vromen onder de verstrooiing om naar Jeruzalemstad van (de god) Salem - vredestichter terug te keren. Veel bejaarde Joden hebben daar hun laatste dagen doorgebracht. Daarom waren er op de Pinksterdag velen in de stad die geboren waren in het buitenland, maar terug waren gekomen om in de tempel te zijn. Zij waren typerend voor die terugkeer naar het land van hun vaders die vooraf zal gaan aan het oprichten van het koninkrijk. De redding en verlossing zal zijn op de berg Zionburcht en in Jeruzalemstad van (de god) Salem - vredestichter (JoŽl 2:32). Om bij dat overblijfsel te mogen zijn is het hoogste voorrecht dat open staat voor de vrome terugkeerder van de verstrooiing.

Deze mannen kwamen letterlijk uit iedere natie onder de hemelen. Toen, net als nu, was de Jood doorgedrongen naar ieder deel van de bekende wereld. De lijst met genoemde landen omvat praktisch iedere taal of dialect dat op dat moment werd gesproken. Ze werden overeenkomstig gegroepeerd in Oosters Aramhoogees, Centraal Grieks, Westers Romekrachtins en zuidelijk Egyptische dialecten.


6 Toen echter dit °geluid gebeurde, kwam de menigte samen en werd in verwarring gebracht*, omdat een ieder hen in de eigen omgangstaal hoort* spreken.
7 Zij nu zijn* allen buiten zichzelf en zij verwonderden zich, zeggend: "Neem waar, zijn niet al dezen die spreken GalileŽrs? die ook zeggen*: "Mannen, GalileeŽrs, waarom staan jullie, opkijkend tot in de hemel? Deze įJezus, die vanaf jullie opgenomen wordt tot in de hemel, zal op dezelfde wijze komen als jullie Hem gadeslaan*, gaande tot in de hemel." (SW)[Hand. 1:11]
8 En hoe horen wij ieder onze °eigen omgangstaal in welke wij werden geboren*?
9 Partenballingen en Medenuit MediŽ en Elamietenuit Elam en die wonen in °MesopotamiëMesopotamiŽ = tussen twee rivieren , bovendien Judeade landstreek waar de stam van Juda woonde en KappadociŽKappadociŽ = landstreek in Klein-AziŽ , Pontuslandstreek in het noorden van Klein AziŽ en °Asiahet westelijk deel van wat nu Turkije heet,
10 bovendien FrygiŽ droog en dor en PamfyliŽPamfyliŽ = (land van) alle volkstammen , Egypte (egyptisch)huis van (de god) Ptah - (koptisch) het zwarte land (t.o.v. de witte woestijn) en de delen van °LibiëLibiŽ = bedroefd , die van Cyrenesuprematie van de teugel , en de onder het volk verblijvende Romekrachtinen, zowel Joden als proselieten,
11 Kretenzenbewoners van Kreta en Arabieren, wij horen hen, in onze talen sprekend over de grootse dingen van °Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker."
12 Allen nu zijn* buiten zichzelf en zij waren* verbijsterd, de een tot de ander zeggend: "Wat wil dit zijn*?" [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

12

Het doel van deze manifestatie, zoals te vinden in JoŽl, was om hen te laten weten dat Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker in het midden van IsraŽlstrijder van God was (JoŽl 2:27). Daarna moesten de tekenen die de dag van de Heer inluiden komen. Pinksteren was de inleiding voor de tijd van oordeel die vooraf gaat aan het oprichten van het koninkrijk. Dit laat zien dat het niet bedoeld was als begin van de huidige bediening van genade, die later door Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleineí bedieningen werd voorgesteld. In die toekomstige oordeelsperiode zullen de door Petrusrots voorzegde tekenen gebeuren. De redding die op de Pinksterdag werd aangeboden had voornamelijk betrekking op deze oordeelsscŤnes door welke ze hoopten gered te worden voor een plaats in het koninkrijk, wanneer ChristusGezalfde zou terugkeren op de Olijfbergeen bergrug ten oosten van Jeruzalem.


13 Maar anderen zeiden, uitjouwend: "Zij zijn barstensvol van zoete wijn."
14 °Petrusrots nu, staande, samen met de elf, heft* zijn °stem omhoog en verwoordt* tot hen: "Mannen, Joden en allen die in Jeruzalemstad van (de god) Salem - vredestichter wonen, laat dit aan jullie bekend zijn en neem*m mijn °uitspraken ter ore, [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

14

Petrusrots draagt voor. Hij spreekt hen niet aan met gewone woorden, maar gebruikt een keur van zeldzame uitdrukkingen bij het houden van zijn toespraak. Misschien werd dit deels gedaan om in te gaan op de aanklacht van dronkenschap en die af te wijzen. Zijn onmiddellijk beroep is op hun eigen Schrift, die hij hen met kracht verklaarde.


15 want dezen zijn niet dronken, zoals jullie opvatten, want het is het derde uur van de dag,
16 maar dit is het door de profeet JoŽlJoŽl = JAHWEH is God uitgesproken zijnde. [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

16

Dit is wat. Dat is de interpretatie van Petrusrots over Pinksteren. Het was een vervulling van oude profetie. Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker was in hun midden, zoals voorzegd in JoŽl (2:27). Dit, echter, is een inleiding tot de vreselijke hemelse stuiptrekkingen en aardse omwentelingen die een voorbereiding zijn op de gevreesde dag van de Heer. Het beloofde een tijd van beproeving en benauwdheid zoals de aarde die tot dan toe nog niet had gekend. Het stelde Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker voor in het karakter van een Wreker van Zijn volk, die op het punt staat de naties bijeen te brengen voor de strijd en Die hen in Zijn woede zal vernietigen. Had de natie IsraŽlstrijder van God zich bekeerd en zou de Pinksterbedeling zonder onderbreking zijn voortgezet, dan zou er nooit een tussenperiode als de huidige zijn geweest, waarover geen van de profeten ooit sprak, die een geheim was, verborgen in Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker (Efe. 3:9) en die Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker voorstelt als een Smeker, verzoekend om verzoening, koste wat het kost de vrede bewarend (2Kor. 5:20), Die Zijn rijkste zegeningen doet regenen op de naties en hen een hemels lotdeel geeft dat onmetelijk groter is dan de hoogste gedachte tijdens Pinksteren.


17 'En het zal zijn in de laatste dagen, zegt °Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker, dat Ik zal uitstorten vanaf Mijn °geest op alle vlees, en de zonen van jullie en de dochters van jullie zullen profeteren en de jongelingen van jullie zullen aanschouwingen zien en de ouderen van jullie zullen in dromen dromen.
18 En zeker op Mijn °slaven en op Mijn °slavinnen zal Ik in die °dagen vanaf Mijn °geest uitgieten en zij zullen profeteren. [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

18

Petrusrots, en niet JoŽl, spreekt van profeteren. Het is een geÔnspireerde breuk tussen dat deel van JoŽls profetie dat vervuld werd tijdens Pinksteren en die welke nog toekomst is.


19 En Ik zal wonderen geven in de hemel omhoog en tekenen op de aarde beneden, bloed en vuur en damp van rook.
20 De zon zal vervormd worden tot in duisternis en de maan tot in bloed, voordat de dag van Heer komt, de grote en tevoorschijn komende.
21 En het zal zijn dat elke, in het geval dat hij de naam van de Heer zou aanroepen, gered zal worden.' 28 En het zal daarna zijn dat Ik Mijn geest zal uitgieten op alle vlees. En jullie zonen en jullie dochters zullen profeteren. Jullie ouden zullen dromen dromen. Jullie uitgekozen jongemannen zullen visioenen zien. 29 En ook op de dienaren en de dienaressen zal Ik in die dagen Mijn geest uitgieten. 30 En Ik zal wonderen geven in de hemelen en op de aarde, bloed en vuur en zuilen van rook. 31 De zon zal tot duisternis gekeerd worden en de maan tot bloed, vůůr het komen van de grote en de gevreesde dag van JAHWEH! 32 En het zal zijn dat elke die zal aanroepen in de naam van JAHWEH zal ontsnappen, want op de berg van Sion en in Jeruzalem zal ontkoming zijn, zoals JAHWEH zegt, en onder de overlevenden die JAHWEH roept. (SW)[JoŽl 2:28-32]
22 Mannen! IsraŽlstrijder van Godieten! Hoor*m deze °woorden: JezusJAH redt, de NazoreeŽruit Nazaret, een man, aan jullie aangetoond vanaf °Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker te zijn met machten en met wonderen en met tekenen, die °Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker door Hem doet* in jullie midden, zoals jullie zelf hebben waargenomen, 3 hoe zullen wij ontsnappen, redding van zulke proporties veronachtzamend*, dat, een begin in ontvangst nemend, gesproken wordend door de Heer onder degenen die het horen*, in ons werd bevestigd*, 4 įGod dit met getuigenis ondersteunend in tekenen en in wonderen en in allerlei machten en in toedelingen van heilige geest, overeenkomstig Zijn willen?(SW)[Hebr. 2:3,4] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

In het evangeliegoede bericht van het koninkrijk wordt een beroep gedaan op het leven van onze Heer tijdens Zijn aardse bediening. Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine kende Hem nooit in deze rol. Hij ontmoette Hem pas na Zijn hemelvaart, en de huidige bedeling, gebaseerd op Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleineí ervaringen en onthullingen, kent ChristusGezalfde niet naar het vlees. Petrusrotsí oproep, bij het verkondigen van het koninkrijk, is nu voor ons geen voorbeeld. Onze relatie met christus begint bij Zijn dood, begrafenis en hemelvaart.


23 Deze, naar de bepaalde raad en voorkennis van °Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker uitgeleverd, ruimen* jullie, door de hand van wettelozen vastnagelend, uit de weg, om te doen zoveel als Uw įhand en Uw įraad tevoren bestemt om te gebeuren.(SW)[Hand. 4:28] - En Hem kruisigend verdelen zij Zijn įbovenkleding, het lot over hen werpend wie iets zou wegnemen*.(SW)[Marc. 15:24] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

23

De Joden wisten dat ChristusGezalfde zou lijden. Hun heilige rollen waren er duidelijk over. Dit was de raad die Zijn dood van tevoren vastlegde.


24 Die °Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker doet* opstaan, de barensweeën van de dood losmakend*, omdat het niet mogelijk was Hem onder hem vast te houden. Hij is niet hier, want Hij werd gewekt*, zoals Hij zei*. Kom hier, neem de plaats waar waar de Heer lag. (SW)[Matt. 28:6] - 4 Kabels van de dood omringen mij en de waterlopen van ontaardheid jagen mij schrik aan. (SW)[Psalm 18:4] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

24

De opstanding is het centrale en essentiŽle thema van elk evangeliegoede bericht. Omdat Petrusrots het koninkrijk verkondigt, bewijst hij Zijn opstanding door zijn toehoorders te verwijzen naar koning Davidgeliefde en zijn troon. Davidgeliefde is degene met wie het troonverbond werd gemaakt (2Sam. 23:5). Het is erfgenaam van Davidgeliefde dat ChristusGezalfde op de troon zal zitten, de natie van IsraŽlstrijder van God regerend tijdens de duizend jaren.


25 Want Davidgeliefde zegt tot Hem: 'Ik zag* de Heer in alles voor mij, in mijn zicht, want Hij is aan mijn rechterkant, opdat ik niet geschud zou worden.
26 Vanwege dit werd mijn °hart blij gemaakt* en jubelt* mijn °tong. Maar ook mijn °vlees zal nog in hoop nestelen.
27 Want U zal mijn °ziel niet in de steek laten in het OnwaarneembareGrieks: Hades - de plaats waar de ziel van de mens heen gaat na het overlijden, noch zal U Uw °Rechtschapene geven ontbinding waar te nemen. Omdat hij namelijk ook op een andere plaats zegt: "U zal Uw Rechtschapene niet geven ontbinding waar te nemen." (SW)[Hand. 13:35] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

27

De dood is een terugkeer. De geest keert terug naar Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker, Die hem gaf (Pred, 12:7). De ziel keert terug naar het ongeziene. Het lichaam keert terug naar de grond (Pred. 12:7; vergelijk Gen. 3.19). In het geval van onze Heer beval Hij Zijn geest aan de Vader (luk. 23.46). Hier spreekt hij van Zijn ziel in het ongeziene. Maar Zijn lichaam keerde niet terug naar de grond. Hierin verschilt Zijn dood met die van anderen. Er was geen verval of ontbinding die de dood van anderen vergezeld. Ook Zijn opstanding was uniek. Anderen, die levend gemaakt worden, zullen niet opstaan met hetzelfde lichaam dat in het graf werd gelegd, maar Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker zal elk een lichaam geven dat Hem een genoegen doet (1Kor. 15:38). Maar Hij stond op met hetzelfde lichaam dat onze zonden droeg, zuiver, smetteloos en zelfs niet aangetast door de hand van de dood.


28 U maakt* aan mij wegen van leven bekend, U zal mij vervullen van blijheid met Uw °gezicht.' 8 Ik doe JAHWEH voortdurend vůůr mij rusten, omdat Hij aan mijn rechterhand is zal ik helemaal niet uitglijden. 9 Daarom verheugt zich mijn hart en zal mijn heerlijkheid uitbundig jubelen. Ja, mijn vlees zal verblijven in vertrouwen. 10 Want U zal mijn ziel niet verlaten in het dodenrijk. U zal niet toestaan dat Uw getrouwe bederf zal zien. 11 U zal aan mij het pad van het leven bekend maken. Verzadiging van vreugden is voor Uw aangezicht. Aangename dingen zijn bestendig in Uw rechterhand. (SW)[Psalm 16:8-11]
29 Mannen! Broeders! Het is geoorloofd met vrijmoedigheid tot jullie te zeggen aangaande de aartsvader Davidgeliefde, dat hij ťn overlijdt* ťn hij werd begraven* en zijn °graftombe is bij ons tot op deze °dag. 10 En David ligt neer bij zijn vaders. En hij wordt begraven in de stad van David. (SW)[1Kon. 2:10]
30 Dan profeet zijnde en waargenomen hebbend dat °GodGrieks: Theos -Plaatser of Onderschikker hem met een eed zweert* ťťn vanuit de vrucht van zijn lende op zijn °troon te doen zitten*.' 12 Want jouw dagen worden vervuld en jij ligt neer bij jouw vaderen en Ik richt na jou jouw zaad op, dat uitgaat vanuit jouw inwendige delen; en Ik vestig zijn koninkrijk. 13 Hij, hij zal een huis bouwen voor Mijn Naam en Ik vestig de troon van zijn koninkrijk tot aan de aion.(SW)[2Sam. 7:12,13] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

30

Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikkers verbonden zijn er in twee soorten, voorwaardelijk en onvoorwaardelijk. Deze zijn allemaal afhankelijk van menselijke inspanningen, zoals het verbond bij de berg SinaÔnaar de woestijn Sin, waarin de berg ligt, en eindigen in falen. Alle die afhankelijk zijn van Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker, zoals het verbond met Abrahamvader van vele volken, over het land, en met Davidgeliefde, over de troon, zijn zeker van vervulling. Bovendien komt Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker tussenbeide met een eed, zodat er niet mťťr zeker is dan dat de Ene zal zitten op Davidgeliefdes troon, heersend over de zonen van IsraŽlstrijder van God.


31 Tevoren waarnemend, spreekt* hij aangaande de opstanding van de ChristusGezalfde, dat Hij noch in de steek werd gelaten* in het OnwaarneembareGrieks: Hades - de plaats waar de ziel van de mens heen gaat na het overlijden, noch dat Zijn °vlees ontbinding waarnam. 10 Want U zal mijn ziel niet verlaten in het dodenrijk. U zal niet toestaan dat Uw getrouwe bederf zal zien. (SW)[Psalm 16:10]
32 Deze °JezusJAH redt doet °Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker opstaan*, waarvan wij allen getuigen zijn. Jullie nu zullen getuigen zijn van deze dingen. (SW)[Luc. 24:48]
33 Dan naar de rechterhand van Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker verhoogd wordend en bovendien de belofte van de heilige °geest bij de Vader in ontvangst nemend, giet* Hij dit uit wat jullie bekijken en horen. Die, de afstraling zijnde van de heerlijkheid en afdruk van Zijn aanname, bovendien het al dragend door Zijn įmacht, reiniging van de zonden makend*, is gaan zitten* aan de rechterhand van de Majesteit in de hoogten(SW)[Hebr. 1:3] - En bijeengekomen geeft* Hij hen opdracht toch niet uit Jeruzalem te vertrekken, maar te blijven wachten op de belofte van de Vader, "die jullie van Mij horen,* (SW)[Hand. 1:4]
34 Want niet Davidgeliefde ging* omhoog tot in de hemelen, maar hij zegt: 'De Heer Zelf zei tot mijn °Heer, zit aan Mijn rechterkanten, [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

34

De hele passage toont aan dat Petrusrots een letterlijk koninkrijk verkondigt en een letterlijke koning. Het afdalen van de geest had niets van doen met de formatie van het lichaam van ChristusGezalfde, maar was een wel bekend teken dat de nadering van de oordeelsperiode aangaf, die vooraf gaat aan de komst van de MessiasGezalfde. In overeenstemming met de last van zijn boodschap, kiest Petrusrots er voor hen koning Davidgeliefde voor ogen te brengen en het verbond dat Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker met hem maakte, omdat, indien zij zijn woorden aanvaarden, dit het verbond is dat vervuld zou worden. Zij hadden Hem gekruisigd als de Koning van IsraŽlstrijder van God. Zijn opstanding bewijst dat Hij de Ene is Die Davidgeliefde voorzegde. Al wat nog gedaan moest worden, zou IsraŽlstrijder van God als natie zich bekeren, was het oordelen van Zijn vijanden. Dit zal gebeuren in de oordeelstijd. Hier is geen hint van, of voorbereiding op, de huidige pauze van onverdunde genade, waarin Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker Zijn vijanden doet opstaan, zoals Saulafgebeden (van God) hebreeuwse vormus van Tarsuseen stad in CiliciŽ in Klein AziŽ, om met ChristusGezalfde op Zijn hemelse troon te zitten.


35 totdat Ik jouw °vijanden zal plaatsen tot voetbank van jouw °voeten.' 1 Een Davidische psalm. Een met nadruk zeggen van JAHWEH tot mijn Heer: "Zit aan Mijn rechterhand totdat Ik Jouw vijanden tot Jouw voetstoel voor Jouw voeten zal stellen. (SW)[Psalm 110:1]
36 Laat dan alle huis van IsraŽlstrijder van God op verzekerde wijze weten dat °Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker Hem én Heer én ChristusGezalfde maakt*, deze °JezusJAH redt die jullie kruisigen*." 30 De God nu van onze įvaders wekt* Jezus op, aan Wie jullie de hand slaan*, Hem hangend* op hout. 31 Deze Initiatiefnemer en Redder verhoogt* įGod naar Zijn įrechterhand, om aan IsraŽl bezinning te geven en het laten gaan van zonden.(SW)[Hand. 5:30,31]
37 En horend* werden zij diep in het hart getroffen*. Zij zeiden bovendien tot Petrusrots en tot de overige afgevaardigden: "Wat zouden wij doen, mannen broeders?" 10 En de scharen stelden hem een vraag, zeggend: "Wat zouden wij dan doen?" ... 12 Nu kwamen* ook tollenaars om gedoopt te worden* en zij zeiden tot hem: "Leraar, wat zouden wij doen?" ... 14 En ook die soldaten zijn, nu, stelden hem een vraag, zeggend: "En wat zouden ook wij doen*?" En hij zei tot hen: "Jullie zouden niemand moeten intimideren. Jullie zouden ook niet moeten afpersen en weesm tevreden met jullie įrantsoenen."(SW)[Luc. 3:10,12,14]
38 Petrusrots nu zegt met nadruk tot hen: "Bezin*m je en laat hem gedoopt worden, ieder van jullie, op de naam van JezusJAH redt ChristusGezalfde, tot in het laten gaan van jullie °zonden en jullie zullen het geschenk van de heilige geest in ontvangst nemen, Bezin* je dan, en keer* om, naar het uitgewist* worden van jullie įzonden, zodat er perioden van verfrissing mogen komen* vanaf het gezicht van de Heer.(SW)[Hand. 3:19] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

38

Bekering en doop leiden naar een voorwaardelijke vergeving, die herroepen kan worden. Deze vergeving wordt uitgebreid door ChristusGezalfde als de Koning. De werking er van wordt geÔllustreerd door de gelijkenis van de schuldenaar van de tienduizend talenten (Matt. 18:27-34), wiens schuld werd kwijtgescholden, maar die weigerde de kleinere som kwijt te schelden die zijn medeslaaf aan hem schuldig was. Daarom werd de kwijtschelding van zijn schuld ingetrokken. Zo gaat het ook met IsraŽlstrijder van God in deze geschiedenis. Velen van hen die, in het begin, de vergeving van hun zonden ontvingen, weigerden hun vergeving te delen met de anderen naties, bezwaar makend tegen proselieten als Corneliusvan een hoorn, opstand makend door te veronderstellen dat een vreemdeling binnen was gegaan in het heiligdom, proberend Pauluspauze, tussentijd - latijn: de kleine te doden, ook al bracht hij aalmoezen naar Jeruzalemstad van (de god) Salem - vredestichter. Uiteindelijk vallen ze weg (Hebr. 6:6; 10:27) waar er niet langer ruimte is voor bekering, maar een te vrezen uitzicht op oordeel. Deze vergeving, echter, staat in scherp contrast met onze rechtvaardiging of vrijspraak, die komt van de rechter op alleen de grond van genade en geloof, en waarvan men niet kan wegvallen, omdat het ons plaatst voorbij het bereik van oordeel. Verzoening (Rom. 5.11) is onmetelijk voorbij alle vergeving, omdat het ons plaatst in de onbewolkte gunst van Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikkers genade.


39 want voor jullie is de belofte en voor jullie °kinderen en voor al degenen ver weg, zovelen als de Heer onze °Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker ook maar tot Zich zou roepen." En wij evangeliseren jullie de belofte, komend* naar de vaders, gebeurend. (SW)[Hand. 13:32] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

39

De belofte was voor IsraŽlstrijder van God, zowel in het land als in de verstrooiing (Dan. 9:7). Zij die "veraf" stonden waren Joden in de landen waarheen Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker hen had verdreven, en niet heidenen of de kerk.


40 Bovendien betuigt* hij met meer andere woorden en riep hij hen op, zeggend: "Wordm gered vanaf deze °kromme °generatie." 5 Men is verdorven geworden tegen Hem. Ze zijn niet langer Zijn zonen door hun smet, een verdraaide en gekronkelde generatie. (SW)[Deut. 32:5] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

40

De redding was van de oordelen die deze slinkse generatie te wachten staat.


41 Zij dan, inderdaad zijn °woord verwelkomend*, worden gedoopt* en werden toegevoegd*; in die °dag ongeveer drieduizend zielen. Velen nu van die het woord horen*geloven* en het getal van de mannen was ongeveer vijf duizendtallen geworden.(SW)[Hand. 4:4]
42 Zij nu waren volhardend in het onderwijs van de afgevaardigden en in de gemeenschap en in het breken van het brood en in de gebeden. Nu in ťťn van de sabbatten, verzameld zijnde om brood te breken*, argumenteerde* įPaulus met hen. Op het punt staande de volgende ochtend weg te zijn*, verlengde hij bovendien het woord tot aan middernacht.(SW)[Hand.20:7] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

42

Het "breken van het brood" is een Joodse uitdrukking, zoals ons (engelse) "having tea" of het Arabische "zout eten", en betekende een gewone maaltijd. Het brood, of platte koeken, dat zijn gebruikten, werd door ieder persoon in hanteerbare brokken gebroken en als lepel gebruikt om de vloeibare delen van de maaltijd naar de mond te brengen.


43 En er kwam* vrees in elke ziel en vele wonderen en tekenen gebeurden* door de afgevaardigden in Jeruzalemstad van (de god) Salem
vredestichter
. Bovendien was er grote vrees op allen. Dit nu werd* bekend aan allen, Joden zowel als Grieken, die in įEfeze wonen. En vrees valt* op hen allen en de naam van de Heer Jezus werd groot gemaakt*.(SW)[Hand. 19:17] - En door de handen van de afgevaardigden gebeurden vele tekenen en wonderen onder het volk en zij waren allen eensgezind in de zuilengalerij van Salomo.(SW)[Hand. 5:12]
44 En allen nu die geloven* waren op dezelfde plaats en zij hadden alles gemeenschappelijk. En de menigte van de gelovigen* was met hart en ziel ťťn, en ook niet ťťn zei dat iets van zijn įeigen bezittingen van hem was, maar alles was voor hen gemeenschappelijk.(SW)[Hand. 4:32]
45 En de verworvenheden en de eigendommen verhandelden zij en zij verdeelden ze aan allen, naardat ook maar iemand behoefte had. 34 want er was niemand behoeftig, want zovelen als verwervers van stukken grond of van woonhuizen waren, brachten, verkopend, de waarden van het verhandelde, 35 en zij plaatsten dit bij de voeten van de afgevaardigden. En het werd uitgedeeld* aan ieder, naar mate iemand behoefte had.(SW)[Hand. 4:34,35] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

45

Elke IsraŽlstrijder van Godiet had een lotdeel naar de wet, waarvan niet blijvend afstand kon worden gedaan, maar bij hem terug kwam in het Jubeljaar. Zij die zulke lotdelen hadden gekocht, zouden ze verliezen wanneer het koninkrijk zou worden opgericht, want dan zou er een groot Jubeljaar zijn, wanneer elk lotdeel terug gegeven zal worden aan de ware bezitter. Deze gelovigen verkochten niet hun eigen lotdelen, maar die welke ze verkregen hadden en die ze toch zouden verspelen in het Jubeljaar. Dit toonde hun geloof in het komende koninkrijk aan.


46 Bovendien waren zij dagelijks eensgezind volhardend in de gewijde plaats. Bovendien het brood huis aan huis brekend kregen zij deel aan het voedsel in gejubel en met eenvoudigheid van hart, En zij waren voortdurend in de gewijde plaats, įGod lofprijzend en zegenend. Amen.(SW)[Luc. 24:53]
47 °Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker lofprijzend en gunst hebbend naar heel het volk. En de Heer voegde dagelijks toe aan die gered worden in dezelfde plaats.


Terug naar de index.
Naar Handelingen 3
   


© www.schriftwoord.nl
U mag deze tekst voor eigen gebruik en studie-doeleinden zonder toestemming vermenigvuldigen.
Citeren van deze tekst mag alleen met bronvermelding.
Vermenigvuldiging voor commercieel gebruik alleen met toestemming van de uitgever.