Dit is een eigen SchriftWoord vertaling van
Deuteronomium
Hoofdstuk 6

   
(Ga met de muis op een naam of tekstverwijzing staan, dan ziet u de betekenis of tekst)

1 "En dit zijn de instructie en de verordeningen en de oordelen die JAHWEH, jullie Elohim, jullie als instructie gaf te onderwijzen, om te doen in het land waarheen jullie oversteken om het te pachten,
2 opdat jij JAHWEH, jouw Elohim, zal vrezen, om al Zijn statuten en zijn instructies in acht te nemen die ik jou als instructie geef, jij en jouw zoon en de zoon van jouw zoon, alle dagen van jouw levenmv, opdat jouw dagen verlengd zullen worden.
3 En jij hoort, IsraŽlIsraŽl = strijder van God, en jij neemt in acht het te doen, opdat het goed met jou zal zijn en opdat jij uitermate zal vermeerderen, zoals JAHWEH, Elohim van jouw vaders, tot jou sprak, in een land gutsend van melk en honing.
4 Hoor, IsraŽlIsraŽl = strijder van God! JAHWEH, onze Elohim, JAHWEH is …ťn. aangezien įGod …ťn is Die de Besnijdenis zal rechtvaardigen uit geloof en de Onbesnedenheid door het geloof. (SW)[Rom. 3:30]
5 En jij hebt JAHWEH, jouw Elohim, lief met heel jouw hart en met heel jouw ziel en met heel jouw intensiteit. Hij nu verzekerde hen: Jij zal de Heer, jouw įGod, liefhebben met heel jouw įhart en met heel jouw įziel en met heel jouw įdenkvermogen (SW)[Matt. 22:37]
6 En deze woorden, die ik jou vandaag als instructie geef, zijn op jouw hart.
7 En jij herhaalt ze voor jouw zonen, en jij spreekt er over tijdens jouw zitten in jouw huis en tijdens jouw gaan op de weg en bij jouw neerliggen en bij jouw opstaan.
8 En jij bindt ze vast tot teken op jouw hand en zij worden tot voorhoofdsbanden tussen jouw ogen. Doch al hun werken doen zij om gezien te worden door de mensen, want zij maken hun amuletten breed en zij vergroten de kwasten aan hun klederen. (SW)[Matt. 23:5]
9 En jij schrijft ze op de deurposten van jouw huis en op jouw poorten. 18 . Legt dan deze mijn woorden in uw hart, en in uw ziel, en bindt ze tot een teken op uw hand, dat zij tot voorhoofdspanselen zijn tussen uw ogen;
19 En leert die uw kinderen, sprekende daarvan, als gij in uw huis zit, en als gij op den weg gaat, en als gij nederligt, en als gij opstaat;
20 En schrijft ze op de posten van uw huis, en aan uw poorten; (SV)
[Deut. 11:18-20]

10 En het zal zijn dat JAHWEH, jouw Elohim, jou brengt naar het land dat Hij zwoer aan jouw vaders, aan AbrahamAbraham = vader van een menigte of aanvoerder van een menigte, aan IsaškIsašk = lachen en aan JakobJakob = hielenlichter, om aan jou grote en goede steden te geven die jij niet bouwde, En JAHWEH verschijnt aan Abram en Hij zegt: Aan jouw zaad zal Ik dit land geven. En hij bouwt daar een altaar voor JAHWEH, Die aan hem verscheen. (SW)[Gen. 12:7] Wees bijwoner in dit land en Ik zal met jou zijn en Ik zal jou zegenen. Want aan jou en al jouw zaad zal Ik al deze landen geven. En Ik voer de eed uit die Ik aan jou vader heb gezworen (SW)[Gen. 26:3] En zie! JAHWEH staat er op en Hij zegt: Ik ben JAHWEH, Elohim van Abraham, jouw vader, en Elohim van Isašk. Het land waarop jij ligt, Ik zal het aan jou en aan jouw zaad geven (SW)[Gen. 28:13]
11 en huizen, vol van alle goed, die jij niet vulde, en gehouwen waterreservoirs die jij niet houwde, wijngaarden en olijfbomen die jij niet plantte. En jij eet en jij wordt verzadigd. 25 En zij veroverden verdedigde steden en vruchtbare grond en zij namen huizen over, vol met elk goed ding, uitgehouwen waterreservoirs, wijngaarden en olijfgaarden en voedselbomen in veelheid. En zij aten en zij werden verzadigd en zij werden gezet en zij leefden weelderig door Uw grote goedheid. (SW)[Neh. 9:25]
12 Pas op voor jezelf, opdat jij JAHWEH niet vergeet, Die jou deed uitgaan uit het land van EgypteEgypte = (egyptisch)huis van (de god) Ptah - (koptisch)het zwarte land (tov. de witte woestijn), uit het huis van dienaren.
13 JAHWEH, jouw Elohim, zal jij vrezen en Hem zal jij dienen en in Zijn naam zal jij zweren. Dan zegt įJezus tot hem: Ga weg, Satan! Want er staat geschreven: De Heer, jouw įGod, zul jij aanbidden en alleen aan Hem zul jij goddelijk eerbetoon brengen. (SW)[Matt. 4:10]
14 Jullie zullen niet achter andere elohim gaan uit de elohim van de volken die rondom jullie zijn,
15 want JAHWEH, jouw Elohim, is een jaloerse El in jouw midden, opdat de boosheid van JAHWEH, jouw Elohim, niet heet zal zijn tegen jou en Hij jou uitroeit vanaf de oppervlakte van de grond.
16 Jullie zullen JAHWEH, jullie Elohim, niet beproeven zoals jullie beproefden bij MassaMassa = beproeving. Jezus verzekerde hem: Opnieuw, er staat geschreven: De Heer, jouw įGod, zul jij niet op de proef stellen (SW)[Matt. 4:7] 6 Zie Mij daar staan voor jullie aangezichten bij de rots in Horeb en sla de rots, en er komt water uit en het volk drinkt. En Mozes doet dat voor de ogen van de ouden van IsraŽl.
7 En hij noemt de naam van de plaats Massah en Meriba, vanwege het twisten van de zonen van IsraŽl en vanwege hun testen van JAHWEH, zeggend: Is JAHWEH in ons midden of niet? (SW)
[Exo. 17:6,7]

17 Jullie zullen de instructies van JAHWEH in acht nemen, ja in acht nemen en Zijn getuigenissen en Zijn statuten die Hij jou als instructie gaf.
18 Doe het rechte en het goede in de ogen van JAHWEH, opdat het met jou goed zal zijn. En jij komt en jij pacht het goede land dat JAHWEH aan jouw vaders zwoer,
19 al jouw vijanden wegstotend van voor jouw aangezicht, zoals JAHWEH sprak.
20 Wanneer jouw zoon jou morgen zal vragen, zeggend: Wat zijn de getuigenissen en de statuten en de verordeningen die JAHWEH, onze Elohim, aan jullie als instructie gaf,
21 dan zeg jij tot jouw zoon: Wij waren dienaren voor FaraoFarao = het grote huis in EgypteEgypte = (egyptisch)huis van (de god) Ptah - (koptisch)het zwarte land (tov. de witte woestijn), maar JAHWEH deed ons met standvastige hand uitgaan uit EgypteEgypte = (egyptisch)huis van (de god) Ptah - (koptisch)het zwarte land (tov. de witte woestijn).
22 En JAHWEH gaf tekenen en wonderen, grote en kwade, in EgypteEgypte = (egyptisch)huis van (de god) Ptah - (koptisch)het zwarte land (tov. de witte woestijn), tegen FaraoFarao = het grote huis en tegen heel zijn huis, voor onze ogen.
23 En Hij deed ons van daar uitgaan om ons te brengen in en aan ons te geven het land dat Hij zwoer aan onze vaders.
24 En JAHWEH gaf ons instructie al deze statuten te doen, JAHWEH, onze Elohim, te vrezen, voor ons eigen goed, alle dagen, om ons in het leven te behouden, zoals deze dag.
25 En er zal rechtvaardigheid voor ons zijn wanneer wij heel deze instructie in acht nemen te doen voor het aangezicht van JAHWEH, onze Elohim, zoals Hij ons instructie gaf."

Terug naar de indexpagina
Naar Deuteronomium 7
   


© www.schriftwoord.nl
U mag deze tekst voor eigen gebruik en studie-doeleinden zonder toestemming vermenigvuldigen.
Citeren van deze tekst mag alleen met bronvermelding.
Vermenigvuldiging voor commercieel gebruik alleen met toestemming van de uitgever.