Dit is een eigen SchriftWoord vertaling van
De brief van Paulus aan de
Romeinen
Hoofdstuk 12

   
(klik op de oranje cijfers voor het uitgebreide commentaar op dat vers)
(Ga met de muis op een groene naam staan, dan ziet u de betekenis.
Ga met de muis op een tekstverwijzing staan, dan ziet u de tekst.
Klik op "Commentaar" en u krijgt een stukje tekst dat slaat op dit vers)

1 Ik roep jullie dan op, broeders, door medelijdendheden van °Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker, jullie °lichamen te presenteren* tot een levend, heilig en welgevallig offer voor °Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker, jullie °logische dienst, Reken jullie dus dan wel dood voor de zonde, maar levend voor °God in Christus Jezus.... en presenteer niet jullie °leden als wapentuig van de ongerechtigheid voor de zonde, maar presenteer* jullie zelf voor °God, alsof uit doden, maar nu levend, en presenteer jullie °leden als wapentuig van de gerechtigheid voor °God.[Rom. 6:11,13] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

1

HET GEDRAG VAN DE HEILIGEN

Dit deel staat in sterke tegenstelling tot het gedrag van de mensheid (1:18-3:20), zoals getoond in de literaire structuur (zie de Inleiding op Romekrachtinen. De aansporing is gebaseerd op de eerdere leer over onze lichamen in het zesde, zevende en achtste hoofdstuk. Onze sterfelijke lichamen worden levend gemaakt door de inwonende geest (8:11). Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker is niet langer blij met dode vervangers, maar vraagt om levende offers. Hij verlangt naar aanbidding in geest en in waarheid. Daarom hebben we geen altaar en ritueel, met bloedende slachtoffers die Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker niet tevreden stellen, maar we bieden onze lichamen aan, inderdaad dood voor Hem, maar vol energie door Zijn Geest, zodat zij zich bezig houden met goede daden, die naar Hem opstijgen als een zoete geur. Dit is echte godsdienstig dienstbetoon. Het vervangt de vormen van goddelijk dienstbetoon die met de wet verbonden zijn. Het is het enige goddelijk dienstbetoon dat Hij in deze bedeling erkent. Dit is de naar Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker gekeerde kant.


2 en niet gevormd te worden naar deze °aion, maar omgevormd te worden in de vernieuwing van jullie °denken, opdat jullie toetsen wat de wil van °Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker is: het goede en welgevallige en volmaakte. En dat gij zoudt vernieuwd worden in den geest uws gemoeds, (SV)[Efe. 4:23] - Beproevende wat den Heere welbehagelijk zij. ... Daarom zijt niet onverstandig, maar verstaat, welke de wil des Heeren zij. (SV)[Efe. 5:10,17] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

2

Aan de naar de mens gekeerde kant moet ons gedrag er niet uitzien als dat van de wereld. Er zal een omvorming bewerkt moeten worden door middel van ons denken, door de invloed van Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikkers onthullingen. We kunnen, ten diepste, nooit zo zijn als de wereld; daarom moet het niet lijken alsof we er gelijk aan zijn. We dienen er meer en meer ongelijk worden door het contact met het denken van Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker.


3 Want ik zeg door de genade, die aan mij gegeven wordt, aan een ieder die onder jullie is, geen hogere gezindheid te hebben naast wat bindend is gezind te zijn, maar gezind te zijn tot in het verstandig zijn, iedereen, zoals °Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker toedeelt* naar de maat van geloof. Doch deze dingen alle werkt een en dezelfde Geest, delende aan een iegelijk in het bijzonder, gelijkerwijs Hij wil. (SV)[1Kor. 12:11]
4 Want net zoals wij in één lichaam vele leden hebben, maar de leden niet alle dezelfde handeling hebben, Want gelijk het lichaam een is, en vele leden heeft, en al de leden van dit ene lichaam, vele zijnde, maar een lichaam zijn, alzo ook Christus. (SV)[1Kor.12:12] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

4

Ons gedrag naar elkaar is gebaseerd op het wonderlijke beeld van het menselijk lichaam. We hebben allen onderscheiden functies, niet alleen ontworpen voor ons eigen gebruik, maar voor de opbouw van allen. Dit is de sleutel voor het gedrag onder onze mede-heiligen. Zoals het lichaam een vitale eenheid is, zo zijn de heiligen een in ChristusGezalfde.


5 zo zijn wij, de velen, één lichaam in ChristusGezalfde, maar afzonderlijk, hoewel één, leden van elkaar. En gijlieden zijt het lichaam van Christus, en leden in het bijzonder. (SV)[1Kor. 12:27]
6 Nu hebben wij uitnemende genadegaven overeenkomstig de ons gegeven genade, overeenkomstig de overeenkomst van het geloof, hetzij profetie,
7 hetzij bediening in de bediening, hetzij de onderwijzende in de onderwijzing,
8 hetzij de oproepende in de oproep, die meegeeft in vrijgevigheid, die vooraan staat in ijver, de zich ontfermende in blijmoedigheid. Een iegelijk doe, gelijk hij in zijn hart, voorneemt; niet uit droefheid, of uit nooddwang; want God heeft een blijmoedigen gever lief. (SV)[2Kor. 9:7] - Een iegelijk, gelijk hij gave ontvangen heeft, alzo bediene hij dezelve aan de anderen, als goede uitdelers der menigerlei genade Gods. 11 Indien iemand spreekt, die spreke als de woorden Gods; indien iemand dient, die diene als uit kracht, die God verleent; opdat God in allen geprezen worde door Jezus Christus, Welken toekomt de heerlijkheid en de kracht, in alle eeuwigheid. Amen. (SV)[1Petr. 4:10,11]
9 De liefde zij ongeveinsd, het boosaardige verafschuwend, gehecht wordend aan het goede, Maar het einde des gebods is liefde uit een rein hart, en uit een goed geweten, en uit een ongeveinsd geloof. (SV)[1Tim. 1:5] - Haat het boze, en hebt lief het goede, en bestelt het recht in de poort, misschien zal de HEERE, de God der heirscharen, aan Jozefs overblijfsel genadig zijn. (SV)[Amos 5:15]
10 in de broederlijke genegenheid tot in elkaar dierbaar genegen, in de eer elkaar hoger achtend, En bij de godzaligheid broederlijke liefde, en bij de broederlijke liefde, liefde jegens allen. (SV)[2Petr. 1:7] - Doet geen ding door twisting of ijdele eer, maar door ootmoedigheid achte de een den ander uitnemender dan zichzelven. (SV)[Filip. 2:3]
11 in de ijver niet dralend in de geest kokend heet zijnde, slaaf zijnde voor de Heer, Deze was in den weg des Heeren onderwezen; en vurig zijnde van geest, sprak hij en leerde naarstiglijk de zaken des Heeren, wetende alleenlijk den doop van Johannes. (SV)[Hand. 18:25]
12 in de hoop zich verheugend, in de verdrukking verdurend, volhardend in het gebed, Bidt zonder ophouden. (SV)[1Thess. 5:17]
13 bijdragend in de behoeften van de heiligen, de gastvrijheid najagend. Vergeet de herbergzaamheid niet; want hierdoor hebben sommigen onwetend engelen geherbergd. (SV)[Hebr. 13:2]
14 Zegenm hen die jullie vervolgen, zegenm en vervloekm toch niet; Maar Ik zeg u: Hebt uw vijanden lief; zegent ze, die u vervloeken; doet wel dengenen, die u haten; en bidt voor degenen, die u geweld doen, en die u vervolgen; (SV)[Matt. 5:44] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

14

Het gedrag van de heiligen in een bepaalde bedeling is gebaseerd op Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikkers beheermiddelen. Indien Hij wet als beheermiddel geeft, dan eist Hij gedrag naar de wet. Barmhartigheid roept voor een hogere standaard, terwijl genade een beroep doet op het hoogste type van liefdevolle houding, zelfs onder de meest beproevende omstandigheden. De wet stond mensen toe hun vijanden te haten en om iets gelijkwaardigs te eisen, zoals een oog voor een oog, en, inderdaad, te handelen ten opzichte van de ander zoals Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker met hen handelde. Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikkers genade, dan, is het model waarop wij ons gedrag moeten baseren. Omdat Hij nu nooit vervloekt, zullen wij niet vervloeken, maar zelfs hen zegenen die ons vervolgen.


15 zich verheugend met die zich verheugen, huilend met die huilen, Mij aangaande daarentegen, als zij krank waren, was een zak mijn kleed; ik kwelde mijn ziel met vasten, en mijn gebed keerde weder in mijn boezem. (SV)[Psalm 35:13]
16 hetzelfde tot elkaar gezind zijnde, niet gezind zijnde op hoge dingen, maar met de nederigen meegeleid wordend; wordm niet gezind naast julliezelf, Doch de God der lijdzaamheid en der vertroosting geve u, dat gij eensgezind zijt onder elkander naar Christus Jezus; (SV)[Rom. 15:5] - Want ik wil niet dat jullie onwetend zijn, broeders, van dit °geheim, opdat jullie niet eigenwijs zult zijn, dat een verharding, ten dele, over °Israël is gekomen, totdat de volheid van de naties zal binnengaan*. [Rom. 11:25]
17 aan niemand kwaad in plaats van kwaad teruggevend, ideale voorzieningen treffend in het zicht van alle mensen, Ziet, dat niemand kwaad voor kwaad iemand vergelde; maar jaagt allen tijd het goede na, zo jegens elkander als jegens allen. (SV)[1Thess. 5:15] - Vindt dan genade en goed begrip bij Elohim en de mensen (LXX)[Spreuken 3:4]
18 indien het vanuit jullie mogelijk is in vrede levend met alle mensen. Het zout is goed; maar indien het zout onzout wordt, waarmede zult gij dat smakelijk maken? Hebt zout in uzelven, en houdt vrede onder elkander. (SV)[Mar. 9:50] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

18

Indien Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker Zich zou wreken op Zijn vijanden, waar zouden wij dan zijn? Wij waren Zijn vijanden en als zodanig werden we verzoend door de dood van Zijn Zoon. Daarom zouden we zelf nooit moeten wreken.


19 Verschafm julliezelf toch geen recht, geliefden, maar geefm plaats aan de boosheid, want het is geschreven: "Aan Mij is de rechtverschaffing. Ik zal terugbetalen, zegt de Heer." Gij zult niet wreken, noch toorn behouden tegen de kinderen uws volks; maar gij zult uw naaste liefhebben als uzelven; Ik ben de HEERE! (SV)[Lev. 19:18] - Alzo het recht is bij God verdrukking te vergelden dengenen, die u verdrukken; 7 En u, die verdrukt wordt, verkwikking met ons, in de openbaring van den Heere Jezus van den hemel met de engelen Zijner kracht; (SV)[2Thess. 1:6,7] - Mijn is de wraak en de vergelding, ten tijde als hunlieder voet zal wankelen; want de dag huns ondergangs is nabij, en de dingen, die hun zullen gebeuren, haasten. (SV)[Deut. 32:35]
20 Maar in het geval dat jouw °vijand honger zal hebben, geefm hem een hap, in het geval dat hij dorst zal hebben, geefm hem te drinken, want dit doende zal jij gloeiende kolen van vuur opstapelen op zijn °hoofd. Indien dengene, die u haat, hongert, geef hem brood te eten; en zo hij dorstig is, geef hem water te drinken; 22 Want gij zult vurige kolen op zijn hoofd hopen, en de HEERE zal het u vergelden. (SV)[Spr. 25:21] [Commentaar]
Concordant Commentaar op het NT door A.E. Knoch

20

Een vijand in benauwdheid is, in plaats van te roepen om haat en wraak, een speciale gelegenheid voor het tonen van Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikkers genade. De "brok," een speciaal deel van het voedsel waarmee een gastheer een geëerde gast eerde, was een teken van hoogachting en aanzien. Barmhartigheid kan een vijand voorzien van voedsel, maar genade begeleidt de gift met ieder teken van liefde en eer. Dit is de manier waarop Godgrieks: Theos - Plaatser of Onderschikker ons vijandschap overwon, en daarom zouden wij hetzelfde moeten doen.


21 Wordm toch niet overwonnen door het kwaad, maar overwin het kwaad in het goede!



Terug naar de index.
Naar Romeinen 13
   


© www.schriftwoord.nl
U mag deze tekst voor eigen gebruik en studie-doeleinden zonder toestemming vermenigvuldigen.
Citeren van deze tekst mag alleen met bronvermelding.
Vermenigvuldiging voor commercieel gebruik alleen met toestemming van de uitgever.